www.flickr.com

donderdag 17 oktober 2013

Utah State Fair

Salt Lake City

De leukste dingen op vakantie zijn vaak de dingen die je niet gepland had. Zo waren we in Salt Lake City toevallig tegelijkertijd met de Utah State Fair en werden we hier toevallig op gewezen door een New Yorker die we ontmoetten tijdens onze tour naar Antelope Island. Het leek ons meteen een leuk idee en het bleek ook nog eens prima bereikbaar met de lightrail. Dus toen we terugkwamen van Antelope Island gingen we in één beweging door naar deze State Fair. We kwamen eind van de middag binnen en het was toen nog relatief rustig. Het plattelandsgehalte was hoog met een rodeo-achtige wedstrijd met cowboys, paarden en runderen. Er was live country-muziek, er waren strobalen om op te zitten en allerlei dieren om te bewonderen. Daarnaast was er een kermis en een uitgebreide markt met van alles en nog wat, waaronder legio cowboy-hoeden. Natuurlijk was er veel te eten en te drinken, verkocht in standjes die je van afstand al rook. Hoogtepunt op dit vlak was toch wel het 'All you can eat ice-cream festival', waar je in een grote tent voor een paar dollar zoveel ijs kon eten als je wilde of aankon. Dit blijkt overigens minder te zijn dan je hoopt, na een ronde of drie moesten we het al opgeven. Al met al was deze fair ontzettend leuk om te zien en mee te maken. Het deed denken aan beelden uit talloze films en voelde Amerikaanser dan Amerikaans. Ik zou mijn vakantie er niet omheen plannen, maar als het dan toch zo uitkomt: gaan!

Kermis met op de achtergrond Salt Lake City, Utah State Fair, september 2013

Salt Lake City

Koeien in een vaste volgorde van de ene kant naar de andere kant drijven, daar kwam het kort gezegd op neer en wij vonden het vermakelijker dan je wellicht zou denken, Utah State Fair, september 2013

Salt Lake City

Jeroen zoekt de lekkerste smaken uit op het 'All you can eat ice-cream festival', Utah State Fair, 2013

Salt Lake City

No Goats No Glory, Utah State Fair, september 2013

Salt Lake City



Sedona

Sedona

Ik heb eens ergens gelezen dat Sedona het mooiste stadje van Amerika zou zijn. Ik weet echt niet meer waar en in welke context, maar wat ik wel weet is dat het sindsdien op mijn lijst van nog te bezoeken plaatsen stond. Vorig jaar in maart waren we al eens 'in de buurt', toen we van Tusayan via Williams naar Las Vegas reden. Een omweg via Sedona paste toen echter niet in het schema. Dit jaar konden we het wel inpassen: een bezoek aan Sedona valt namelijk prima te combineren met een verblijf in Phoenix. Sedona is ongeveer twee uur rijden vanuit Phoenix en alleen de rit erheen is al meer dan de moeite waard. Het begint met de enorme cactussen zoals je die ziet in strips en tekenfilms. Honderden, of misschien wel duizenden van die echt enorme cactussen met armen en al, zover als je kunt zien. Net als je er een beetje aan gewend bent verdwijnen ze echter alweer volledig uit het landschap. Ze blijken boven een bepaalde hoogte niet te groeien en we zagen ze dan ook niet meer tot we op de terugweg waren. Echt indrukwekkend wordt het zodra het rode gesteente waar de omgeving van Sedona zo bekend om is zichtbaar wordt. We zijn dan een behoorlijk eind gestegen en het landschap is bergachtiger geworden. Sedona zelf ligt hier prachtig tussen en heeft aan alle kanten indrukwekkende vergezichten. Het stadje zelf is, natuurlijk, erg toeristisch. De hoofdstraat bestaat vrijwel uitsluitend uit kleding- en souvenirwinkels met de gebruikelijke prullaria. Of Sedona nu echt het mooiste stadje is weet ik niet, maar de omgeving was in ieder geval prachtig. Die staat dus op het lijstje om nog eens wat uitgebreider te bezoeken. Ooit.

Bell Rock, Sedona, september 2013

Sedona

Niet de tekenfilm cactus, maar daarom niet minder indrukwekkend, Sedona, september 2013

Sedona

Zou dit de inspiratie zijn geweest voor Angry Birds? De gelijkenis is in ieder geval treffend, Sedona, september 2013

Sedona

Uitzicht op Sedona, september 2013

Sedona

zaterdag 12 oktober 2013

Mr. Penumbra's 24-Hour Bookstore


Een intelligent boek met een spannend en tegelijkertijd sympathiek verhaal, dat is Mr. Penumbra's 24-Hour Bookstore van auteur Robin Sloan. Deze roman uit 2012 is een must-read voor iedereen die van boeken en boekwinkels houdt en die gelooft in een plek voor boeken in een gedigitaliseerde wereld. Ik wil verder ook eigenlijk niet zoveel over dit boek zeggen, want iedere kans op een spoiler is er in dit geval één te veel. Een paar steekwoorden volstaan hopelijk bij mijn poging zo veel mogelijk mensen ervan te overtuigen dit boek te gaan lezen. Mr Penumbra's 24-Hour Bookstore staat voor: complottheorieën, boeken, vriendschap, google, spanning, en een prachtige ontknoping. Lezen dus, het is echt een heerlijk boek.

LomoChrome Purple XR 100-400

Kampen

Bij analoge fotografie is de associatie met oude fototoestellen snel gelegd. Dat maakt het echter nog lang niet ouderwets. Dit geldt zeker voor het bedrijf achter lomografie. Innovatie en creativiteit nemen daar een zeer belangrijke plaats in. Lomography komt dan ook geregeld met nieuwe, originele producten voor liefhebbers van experimentele analoge fotografie. Een sprekend voorbeeld hiervan is de LomoChrome Purple XR 100-400 film, die begin dit jaar aangekondigd werd. De eerste rollen konden in juli in gebruik worden genomen. Ook ik bestelde in deze eerste batch en zo kon ook ik deze zomer aan de slag met deze bijzondere film. LomoChrome Purple XR 100-400 film is een "gewone" negatief film, al zou je dat niet direct zeggen gezien het extreme effect. Mijn eerste rolletje schoot ik vol met mijn Diana F+. Het was lastig om voldoende kleurcontrast te vinden. Deze foto's werden mede hierdoor meer turquoise dan het verwachte paars. Ik had ook niet direct door dat ik groen nodig had in mijn foto's om het paarse effect te krijgen. De tweede rol stopte ik in mijn op dat moment spiksplinter nieuwe Holga.
Ik nam deze vervolgens mee naar American Football. Daar zou ik zowel kleurcontrast als voldoende groen vinden om de purple film volledig tot zijn recht te laten komen had ik bedacht. Ik gebruikte deze middag zowel de normale lens als de widelens die ik erbij had gekregen. Deze zou een donkere kring op de foto's geven, maar helaas merkte ik dat pas bij ontwikkeling van de foto's. Had ik het eerder geweten had ik wellicht andere keuzes gemaakt. De foto's werden in ieder geval paars, maar ze knalden toch minder dan ik gehoopt had. Evengoed natuurlijk wel een fantastisch vreemd effect om al die spelers op dat paarse veld te zien. Na twee rollen heb ik vooral het gevoel dat ik nog meer moet experimenteren om alles uit deze film te halen wat er in zit. Gelukkig is er nog een bestelling met 35mm film onderweg. Ik verheug me nu al op de combinatie van de LC-Wide en de purple film dus laat maar komen.

Veel turquoise, weinig paars, Kampen, augustus 2013

kampen

Elmo, binnen genomen met flits, Amsterdam, augustus 2013

Elmo

Kleur is hier slechts subtiel aanwezig, Amsterdam, augustus 2013

Canal

USC vs Utah State met de Holga 120N, LA Memorial Coliseum, september 2013

USC vs Utah State

Nogmaals USC vs Utah State, maar hier door de widelens van de Holga, september 2013

USC vs Utah State

vrijdag 4 oktober 2013

Fuji Velvia 50

Antelope Island

Een filmpje van 50 iso in een Diana F+, een toestel dat is afgesteld op rolletjes van 400 iso. Dat is de uitdaging die ik aan ging met mijn Fuji Velvia 50 film, een 120mm slidefilm die ik een tijdje geleden via Lomography.com had aangeschaft. Op zoek naar de ideale omstandigheden om deze film vol te schieten had ik bedacht dat ik veel kleur en veel licht nodig zou hebben. Kleur voor het contrast, licht voor de lage iso-waarde. Ik hoopte dat we deze situatie op onze vakantie naar Amerika zouden treffen. Ik gokte vooral op het knallende effect van een strak blauwe lucht, en hoopte op knallend groen en rood. In mijn hoofd zou het in de buurt gaan komen van de Fujichrome MS 100/1000, waar ik eerder in Berlijn al fantastische foto's mee had gemaakt. Ik zat er gelukkig niet heel ver naast. Het blauw werd knal blauw en ook de overige kleuren werden mooi fel. Het bleek echter ook best een lastige film. Zo zijn sommige foto's aan de randen (te) donker en in het midden (te) licht. Onderbelichting en overbelichting blijken tezamen in één foto te kunnen. Dit zelfde geldt met donkere silhouetten en lichte achtergronden: de contrasten zijn enorm. Niet het licht, maar de kleuren maken deze film dan ook voor mij tot iets bijzonders. Ik vind het blauw van de lucht prachtig, evenals het groen van het gras en het geel van de zonnebloemen. Hoe blij ik ben met de lichtlekken weet ik in dit geval niet. Het rolletje was erg los opgerold waardoor ik niet kon voorkomen dat er licht tussen de film kwam. Hoe "lomo" dit dan ook moge zijn, deze foto's hadden prima zonder gekund. In ieder geval ben ik blij dat ik nog een rolletje Fuji Velvia 50 heb, al bewaar ik dit wel voor zonniger dagen.

Knallend blauw en groen op Antelope Island, Utah, september 2013

Antelope Island

Prachtige kleuren op de Utah State Fair in Salt Lake City, september 2013

Utah State Fair

Meer kleur op de Utah State Fair, inclusief lichtlek, september 2013

Utah State Fair

Kerk in downtown Phoenix, met grote contrasten tussen zon en schaduw, september 2013

Phoenix

zondag 29 september 2013

Montezuma Castle

Sedona

In vergelijking met Europa lijkt de historie van Amerika beperkt: de bebouwing gaat vaak niet meer dan 150 jaar terug en ook cultureel gezien is de historie niet erg rijk. Zo op het eerste gezicht dan. Want al is de zogenaamde westerse beschaving nog niet erg lang in Amerika, het land was er natuurlijk al wel. En er waren ook bewoners, die hun eigen gebouwen en manieren om te leven hadden. De overblijfselen hiervan zijn inderdaad niet op iedere straathoek te vinden, maar wat er is is zeker indrukwekkend te noemen. Zo bezochten wij deze zomer Montezuma Castle, een waarschijnlijk ongeveer 800 jaar oud bouwwerk in de rotsen tussen Phoenix en Flagstaff. Montezuma Castle werd gebouwd door het Sinagua volk, een groep mensen die er ongeveer 300 jaar bleef. Het bouwwerk is alleen te bereiken met lange ladders. Het zit hoog in de rotsen, veilig voor weer, wind en temperatuur. Toen het een nationaal monument werd begin vorige eeuw was het voor iedereen nog te bereiken met de ladders en kon je er tevens met de auto onderlangs rijden. Nu is het beschermd en kun je er alleen van een afstand naar kijken. Goed is dat er geen auto's meer mogen rijden, maar jammer is dat je niet dichterbij kunt komen. Op de een of andere manier had ik toch gehoopt er in of vlakbij te kunnen, wat een kleine teleurstelling was bij ons bezoek. Het bleef echter een indrukwekkend gezicht en als je toch onderweg bent is het een bezoek zeker waard. Je hoeft er echter geen dag voor uit te trekken: je kunt er een mooi rondje lopen, en dan heb je alle mogelijke foto's wel zo'n beetje gemaakt. Als je 'geluk' hebt dan spot je ook nog een levensechte slang naast het wandelpad al was onze gids daar dan weer niet heel erg van onder de indruk.

Ingezoomd op Montezuma Castle, september 2013

Sedona

Het was toch echt geen kleine jongen, deze slang bij Montezuma Castle, september 2013

Snake

Little Fish


Net als andere lezers werd ik bij de graphic novel Little Fish in eerste instantie getrokken door twee dingen: de vorm en het onderwerp. Auteur Ramsey Beyer schrijft in een combinatie van lijstjes, dagboekonderdelen en strips over haar eerste jaar op de kunstacademie. Ze schrijft over wat voor haar een grote overgang was: die van de middelbare school in een klein plaatsje in Michigan naar de kunstacademie in Baltimore. Het is een overgang die bekend voorkwam, ook ik ging van een klein dorpje naar de grote stad om te gaan studeren en heb dit ervaren als een grote verandering. Inderdaad: van een grote vis in een kleine vijver, naar een kleine vis in een hele grote vijver. Het is een cliché, en hoewel het groots en meeslepend voelt als je er middenin zit, het zijn de doodgewone stappen van het ouder worden en gaan studeren. Hier zit ook meteen mijn probleem met dit boek. Beyer is van prima afkomst, heeft een prima jeugd gehad en ook in Baltimore gaat het haar prima af. Natuurlijk, ze voelt zich weleens alleen, maar er is werkelijk niets noemenswaardigs behalve dan dat het allemaal zijn gangetje gaat. Voldoende vrienden, steun van ouders en "oude" vrienden, ze vindt een nieuwe kunstrichting die haar interesseert en zelfs een vriendje. Hoe fijn voor haar, maar hoe oninteressant verder. Het zou gered kunnen worden door de originele vorm waarin dit boek gegoten is, maar helaas houdt de interesse daarvoor ook na een tijdje wel op. Met name de lijstjes waarmee ze opsomt wat de leuke en waardevolle dingen in het leven zijn worden zichzelf herhalend en daarmee saai of zelfs irritant. Misschien sta ik inmiddels ook wel te ver van het onderwerp af. Al die grote gevoelens uit die tijd met alle bijbehorende onzekerheden heb ik inmiddels wel gerelativeerd en/of een plaatsje gegeven. Ik kan me voorstellen dat het geweldig is om dit boek te lezen als je deze ervaring nog voor de boeg hebt, de echte young adult dus. Om een iets grotere doelgroep te bedienen zal Beyer toch met iets meer moeten komen. Het begin is er in ieder geval wel, en ik ben zeker nog wel benieuwd naar wat ze nog meer kan. Little Fish is tenslotte pas haar eerste boek, en eerlijk is eerlijk, ook gericht op young adults.

Downtown Phoenix

Phoenix

Het vinden van het hart van een stad in Amerika is niet altijd even gemakkelijk. In de meeste Europese steden is het simpel: zij zijn van binnenuit opgebouwd en in het centrum staat meestal een (grote) kerk. Dus zoek de kerk, dan heb je de binnenstad meestal wel te pakken en daarmee ook de winkels, musea en andere bezienswaardigheden. Eén van de eerste keren dat ik met deze aanpak echt de mist in ging was in Los Angeles. Los Angeles hangt aan elkaar van kleinere plaatsen, die op hun beurt wel weer een soort van hart hebben. Downtown is echter vooral een financieel centrum en de winkels zijn samengebracht in (strip)malls, veelal aan de snelweg. Voor iemand die gewend is alles binnen loopafstand te hebben en ook nog eens graag uitgaat van bepaalde logica heel nieuw en verwarrend. Inmiddels ben ik eraan gewend, al blijft het bezoeken van een stad waar we nog niet eerder geweest zijn in eerste instantie een uitdaging. Waar zoek je een hotel, waar zitten de restaurants, de bioscopen? Welke buurten zijn druk en gezellig, en welke wellicht wat minder veilig en/of bereikbaar? Dat ik in Los Angeles de mist in ging is niet zo raar: het is qua inwoneraantal de op één na grootste stad van Amerika met 3,8 miljoen inwoners alleen al in LA zelf. Het totale stedelijke gebied is enorm, en heeft niet minder dan 17 miljoen inwoners. Daar was ik niet op voorbereid, en ik denk dat je daar als Europeaan niet echt op voorbereid kunt zijn. Een lange inleiding om het over Phoenix te hebben. Deze stad lijkt namelijk qua opbouw erg op LA: uitgestrekt met wat hoogbouw in downtown, maar daarnaast voornamelijk laagbouw. Phoenix stond al een tijdje op mijn verlanglijstje, met name voor de omgeving. De woestijn, de cactussen, de onherbergzaamheid en Sedona, dat waren voor mij allemaal redenen om naar Phoenix te willen. De stad zelf zei me op zich niet zoveel. En dat doet hij na ons bezoek nog steeds niet als ik eerlijk ben. Mijn eerste reactie was vooral dat het er onhoudbaar warm was. De drie dagen dat we er waren heeft de temperatuur tegen de 40 graden gezeten, iets wat niet ongewoon is in Phoenix. De straten waren (hierdoor?) veelal verlaten en ook in de avond koelde het maar amper af. Toch was het geen onprettige stad: alles zag er netjes en schoon uit en het voelde niet onveilig, ook 's avonds niet. Er was veel aandacht voor kunst op straat en alles leek prima onderhouden of zelfs redelijk nieuw. Toch kwam het nergens echt tot leven. De winkelcentra in downtown zagen er prima uit, maar waren ook verre van druk. Dit zelfde gold voor de bioscoop. Prima om gezien (en gevoeld) te hebben, maar voor nu zeg ik Phoenix: been there, seen that, done that.

Kunst in downtown Phoenix, september 2013

Phoenix

In de avonden bleef het bloedheet, en was er nog steeds praktisch geen mens op straat, september 2013

Phoenix

Het blijven soms toch rare jongens, die Amerikanen, downtown Phoenix, september 2013

Phoenix

dinsdag 24 september 2013

Antelope Island

Salt Lake City

Een bezoek aan Salt Lake City is niet compleet zonder the Great Salt Lake gezien te hebben waar de stad naar vernoemd is. Een mooie manier om dit te doen is door af te reizen naar Antelope Island. Antelope Island is met 109 vierkante kilometer het grootste eiland in the Great Salt Lake. Het is bereikbaar via de weg, ongeveer een uur rijden vanuit Salt Lake City. Het eiland is in zijn geheel een zogenaamd State Park, waarmee het beschermd gebied is. Op internet had ik prachtige foto's van wildlife gezien en ik verheugde me op de kans om verschillende dieren van dichtbij te zien. Wij bezochten het op de tweede dag dat we in Salt Lake City waren, op een dag met fantastisch mooi weer in september 2013. We deden dit in de vorm van een tour, waarbij we in een klein busje met nog twee andere mensen en een gids voor ruim een halve dag naar het eiland gingen. Al vrij snel nadat we het eiland op reden zagen we de eerste bizon al: dit imposante dier is in grote aantallen aanwezig op het eiland. Uiteraard zijn er ook antilopes aanwezig, al waren die minder gemakkelijk te spotten. Toch lieten de dieren zich over het algemeen vrij gemakkelijk zien, misschien mede omdat het zo ongelofelijk rustig was. Er waren momenten dat het leek of we dit prachtige eiland voor onszelf hadden. Fijn was ook dat onze tourguide heel flexibel was: hij stopte niet alleen op de bekende plekken, maar ook als wij aangaven graag even te stoppen voor een foto. Het hield daarbij natuurlijk dat we maar met een heel klein groepje waren. Salt Lake City is misschien niet de meest voor de hand liggende bestemming in Amerika, maar de omgeving is een bezoek meer dan waard.

Een enorme bizon stak op zijn gemak de weg over, en liet ons rustig wachten, Antelope Island, september 2013

Salt Lake City

Meer wildlife, Antelope Island, september 2013

Salt Lake City

Zicht op het vaste land vanaf Antelope Island, september 2013

Salt Lake City

Zicht op het eiland zelf, Antelope Island, september 2013

Salt Lake City

zaterdag 31 augustus 2013

Ray Donovan


Under the Dome mag dan de grote kijkcijferhit zijn van deze zomer in Amerika op CBS, ook de zender Showtime heeft deze zomer een knaller met het ietwat donkere Ray Donovan. Op 30 juni kende deze twaalfdelige serie zijn premiere, en als ik Wikipedia mag geloven was dit meteen de best bekeken Showtime premiere ooit. Hoofdpersoon is, het zal geen verrassing zijn, Ray Donovan. Hij werkt als ´fixer´ voor een groot advocatenbureau dat vooral rijke en beroemde klanten heeft. Is er ergens een probleem dan komt Ray op de proppen. Op niet al te subtiele wijze weet hij het meestal wel weer op te lossen, waarbij hij zelf dikwijls niet gespaard blijft. Een aanzienlijk deel van de serie wordt in beslag genomen door de familie perikelen van Ray. Hij komt uit een ingewikkeld gezin, waarbij zijn vader (gespeeld door Jon Voight) veruit de meest kleurrijke persoon is. Ray Donovan is intrigerend, spannend en zowel humoristisch als tragisch. Niet Under the Dome, maar Ray Donovan is voor mij de televisieverrassing van deze zomer. Fijn dat ook deze serie een tweede seizoen krijgt in 2014.

vrijdag 30 augustus 2013

Under the Dome


Het is dè grote televisiehit van deze zomer in Amerika: het op CBS uitgezonden Under the Dome. De serie is gebaseerd op het gelijknamige boek van Stephen King, dat verscheen in 2009. Het verhaal speelt zich af in het kleine plaatsje Chester's Mill in Maine. Op een dag wordt men geconfronteerd met een gigantische koepel die het dorp afsluit voor de rest van de wereld. De koepel is transparant, maar schijnbaar onverwoestbaar. We zien vervolgens hoe de plaatselijke politie, de bevolking en een aantal toevallige passanten omgaan met deze situatie. Uiteraard komen er wat onverkwikkende zaken naar boven, want er speelt in dit dorp meer dan vanaf de buitenkant lijkt. Ik vond dat de serie hoopvol van start ging. Het gegeven was best origineel en er werden wat interessante personages neergezet. Kortom, genoeg om een tijdje te boeien. Wat me echter al snel tegen ging staan was het gebrekkige acteren. Sommige karakters werden ronduit stuntelig neergezet. Ik geloof trouwens dat dit minstens zo veel met het script te maken heeft als met de prestatie van de acteurs. Daarbij waren de reacties en gedragingen van de personages heel onevenwichtig, om het woord ongeloofwaardig maar niet te gebruiken. Dus nee, ik was niet heel erg onder de indruk van Under the Dome, al loont het wel om te blijven kijken: het wordt beter. Toch zie ik niet waar heel Amerika zo gek van is. Het zal aan mij liggen. In het najaar overigens te zien bij ik meen SBS6 en in Amerika goed voor een tweede seizoen.

WZFO Ami 66


Mijn Diana F+ mag dan een nieuwe camera zijn, het model is dat niet. Het is oorspronkelijk een remake van een camera uit de jaren '60 uit Hong Kong. De aantrekkingskracht zit in het plastic: het is licht en de plastic lens zorgt voor dromerige resultaten. De Diana was natuurlijk niet de enige plastic camera ooit gemaakt. Zo wordt mijn Belomo Etyud (Etude) de Russische Diana genoemd: eveneens van plastic en staat ook garant voor dromerige plaatjes. Al zoekende naar gelijksoortige camera's op internet stuitte ik op de Ami 66 van de Poolse fabrikant WZFO. Niet zo verrassend wordt deze camera ook wel de Poolse Diana genoemd. Dat zegt denk ik vooral iets over de populariteit van de Diana, maar natuurlijk ook over het type camera. Het mooiste aan de Ami 66 vind ik het stippen motief bij de lens. Dat iemand dat echt bewust zo ontworpen heeft, geweldig! Verder is hij heerlijk lomp, heeft hij een plastic lens en gebruikt hij 120mm formaat film, toch wel mijn favoriete formaat. Het bleek echter nog niet zo gemakkelijk om aan een exemplaar te komen. Op Ebay zijn ze schaars en best prijzig, buiten Ebay leken ze onvindbaar. Een Poolse vriendin inschakelen leek de beste optie. En dat was het, want ik had het nog niet gevraagd of het was al bijna geregeld. Op de Poolse versie van Marktplaats bleek er voldoende aanbod en een maand later had ik mijn Ami 66 al in huis, inclusief het rode logo dat bij veel exemplaren verdwenen schijnt te zijn. Natuurlijk meteen een rolletje erin gedaan en de stad in gegaan om te testen. Hier zijn de eerste resultaten, geschoten op Lomography CN 100 film. Ik ben er heel tevreden over: de Ami 66 maakt scherpe foto's met pittige kleuren met wat vervaging naar de randen. Oordeel zelf:

Aangenaam verrast door de scherpte van de foto's, Noordzeekanaal, augustus 2013

Noordzeekanaal

Ook deze kenmerkt zich door de scherpte in het midden van de foto. Daarbij zijn de kleuren erg mooi doorgekomen, Spui, augustus 2013

Spui

Poging tot een double exposure komt minder goed uit de verf, maar dat kan ook komen omdat ik dit nog niet echt onder de knie heb, Vondelpark, augustus 2013

Double exposure

Lastig licht weet hij goed mee om te gaan en de kleuren blijven goed overeind, Oud-Zuid, augustus 2013

Amsterdam Zuid

dinsdag 27 augustus 2013

Universele Reisgids voor Moeilijke Landen


Het eerste wat opvalt aan de Universele Reisgids voor Moeilijke Landen is de vorm: het boek heeft een stevige maar zachte kaft, is vierkant en iets groter dan een gemiddeld boek. Ook de opmaak valt op. De teksten zijn in kolommen geplaatst, worden regelmatig onderbroken door op zichzelf staande stukken tekst en zijn voorzien van illustraties. Het is dus zeker geen reisgids in de meest traditionele zin van het woord. Wat het dan wel is? Eigenlijk is dat niet zo relevant, want dit boek van Jelle Brandt Corstius is het belangrijkste wat een boek moet zijn: lekker om te lezen. In deze Universele Reisgids voor Moeilijke Landen beschrijft Brandt Corstius aan de hand van eigen ervaringen waar je allemaal tegenaan kunt lopen in zogenaamde moeilijke landen. Hij doelt hiermee op landen waar het lastig reizen is volgens onze westerse maatstaven. Lastig omdat er andere normen gelden, andere regels zijn, evenals andere eetgewoontes. Dit kan een aanslag opleveren op je hygiène, op je maag- en darmstelsel of bijvoorbeeld op je uithoudingsvermogen. Met name Rusland en India komen aan bod, landen die voor de gemiddelde toerist op zijn zachtst gezegd uitdagend kunnen zijn. Zo schijnt het een hele prestatie te zijn om diarree-vrij door India te reizen. Brandt Corstius is scherp, geestig en heeft met de Universele Reisgids voor Moeilijke Landen een bijzonder lekker leesbaar boek geschreven. Of het echt aanmoedigt om een moeilijk land te bezoeken is de vraag. Hoe intrigerend ik bepaalde bestemmingen ook vind, ik realiseer me na het lezen van dit boek des te meer dat we er goed over na moeten denken voordat we die reis naar Siberië gaan boeken. Stiekem ben ik toch wel erg gehecht geraakt aan herkenbaar eten, een schoon bed en betrouwbaar vervoer. Vakantie in een moeilijk land is niet voor iedereen weggelegd, dat is duidelijk.

zondag 25 augustus 2013

Quiet


The Power of Introverts in a World That Can't Stop Talking, dat is de ondertitel van het boek Quiet van Susan Cain. Dat voelt niet erg introvert moet ik zeggen, evenals het "Join the Quiet Revolution!" op de website. Alsof alle introverts moeten opstaan, hun vuist omhoog moeten steken en voor zichzelf op moeten komen. Zeg maar het laatste wat de gemiddelde introvert zou willen doen dus.. Maar goed, dit is slechts de website, en je zult toch wel enigszins extravert moeten zijn in je uitingen om de aandacht te krijgen. Zelfs voor een onderwerp over de kracht van het introverte deel van de mensheid. Dit is gelukkig het enige schijnbaar tegenstrijdige wat ik bij Susan Cain tegen ben gekomen. In haar boek Quiet geeft ze een wel doordachte uiteenzetting over de westerse maatschappij, de waardering voor extravert gedrag en de plaats hierin van mensen die meer introvert gericht zijn. Het goede aan dit boek is dat ze het algemeen maakt waar nodig, en klein houdt waar kan. Ze heeft het niet over afwijkingen, of gedrag dat gecorrigeerd moet worden. Ze geeft aan hoe mensen anders kunnen zijn, en hoe mooi en waardevol dat kan zijn. Als meer mensen hier inzicht in zouden hebben, inplaats van dat ze aangepast gedrag verwachten, zou eenieder veel meer tot zijn recht komen. Quiet geeft veel herkenning, voor zowel mensen aan de introverte kant als mensen aan de extraverte kant. Ik kan alleen maar hopen dat steeds meer mensen deze inzichten tot zich nemen. Dan kunnen we stoppen met tegen elkaar te zeggen dat we aan onze 'zichtbaarheid moeten werken'. Dit leidt immers enkel tot zinloze en niet succesvolle profilering van introverte mensen die in een extraverte wereld nooit echt tot hun recht zullen komen. Quiet is een zeer leesbaar en interessant boek, een aanrader voor velen en wat mij betreft boek van het jaar.

maandag 12 augustus 2013

The Normal Heart


Op 3 augustus zagen wij in het De La Mar Theater de voorstelling The Normal Heart. Het was een laatste moment beslissing, en dat we gingen op de dag van de Gay Pride in Amsterdam was in ons geval toeval. Het gaf er wel een extra dimensie aan: nadat er weer uitbundig gezamenlijk gevierd was dat we allemaal kunnen zijn wie we willen zijn, viel een voorstelling over de begintijd van HIV en AIDS in New York extra rauw op ons dak. The Normal Heart stamt uit 1985 en vertelt het grotendeels autobiografische verhaal van Ned Weeks. Ned is een activist die er alles aan doet om HIV onder de aandacht te krijgen. Hij ziet de ziekte in hoog tempo om zich heen grijpen in New York, maar ziet tegelijkertijd dat niemand er iets aan lijkt te doen. Homoseksueel zijn is in veel gevallen nog steeds een taboe, laat staan een enge "homo-ziekte", zoals HIV en AIDS in de beginjaren werden gezien. De Nederlandse uitvoering werd niet vernederlandst, en dat was fijn. De namen bleven Amerikaans en ook het decor bleef New York. Het was best een behoorlijke zit, maar het was boeiend van het begin tot het einde. De personages waren meer dan geloofwaardig, evenals de levendige dialogen. Het verhaal was aangrijpend, maar niet tranentrekkend. Er werd precies genoeg verteld, zonder ergens dik aan te zetten. Ik was zeer onder de indruk van deze voorstelling. Jammer dat hij maar zo kort speelde, ik had het veel mensen gegund om deze prachtige voorstelling te zien.

zondag 11 augustus 2013

Lomography Peacock X-Pro 110

Westertoren

Net nu ik de kleine Diana Baby 110 helemaal ontdekt heb, kom ik er achter dat er eigenlijk helemaal niet zoveel film te krijgen is voor dit formaat. De Polaroid OneFilm 110, mijn eerste rolletje in de Diana Baby, was slechts een gelukkig toeval. Dit bleek een batch die de Lomography Gallery Store in Amsterdam op de kop had weten te tikken, maar die nu dus weer op is. Had ik er maar meer van gekocht.. Gelukkig verkoopt Lomography onder eigen merk nog wel een aantal soorten 110mm film, waaronder niets minder dan een echte slide film. Deze Lomography Peacock X-Pro 110 moest natuurlijk dan ook meteen uitgeprobeerd worden. De verwachtingen waren hooggespannen, ik was benieuwd hoe ik deze film zou gaan vinden. Het eerste wat opvalt is dat de kleuren niet heel erg over de top zijn. Het effect van het crossen is aanzienlijk minder groot dan bij bijvoorbeeld de Lomography X-Pro Slide 200 film. Het korrelige dat slidefilm kenmerkt is daarentegen des te zwaarder aanwezig. Het kleine formaat van de film speelt hier natuurlijk een belangrijke rol in. Of ik de Diana Baby nou de meest geschikte camera vind om met slidefilm te fotograferen, ik denk het niet. Met de resultaten ben ik wel erg tevreden. Hoe langer ik naar de foto's kijk, hoe mooier ik ze ga vinden. Ik merk echter in mijn omgeving dat het niet de meest toegankelijke foto's zijn geworden. Oordeel zelf:

Aan de waterkant van het Noordzeekanaal, Amsterdam, juli 2013

Noordzeekanaal

Wachten bij de pont in de ochtend, Amsterdam, juli 2013

Hempont

Uitzicht vanaf De Dijk in Volendam, juli 2013

Volendam

Iets meer kleur bij de Singel, Amsterdam, juli 2013

Gracht