zaterdag 10 mei 2014
Tracks
Een reis van 1700 mijl door de Australische outback met enkel vier kamelen en een hond: Robyn Davidson wilde dit en maakte het waar. Een hele onderneming die ik haar niet na zal doen, laat ik dat voorop stellen. Davidson maakte deze reis eind jaren '70 en schreef er enkele jaren later het boek Tracks over. Onlangs is het verhaal verfilmd, wat natuurlijk een herdruk van het boek met zich meebracht en wat het verhaal bij mij onder de aandacht bracht. Mijn eerste reactie was dat het leek op een soort van Eat Pray Love-achtig gegeven. Vrouw uit de stad gaat op reis en op zoek naar zichzelf. Ergens gaat de vergelijking wel op, maar zo veel als we in Eat Pray Love in het innerlijk worden meegenomen van de hoofdpersoon, zo weinig doet Davidson dit. Ze vertelt vrij afstandelijk wat ze wil, wat ze doet en waar ze tegenaanloopt, maar wat haar nu beweegt blijft voor mij gissen. Misschien is het daarom ook wel dat ze mij irriteert met haar reactie op bijvoorbeeld toeristen en andere buitenstaanders. Ze zoekt publiciteit bij National Geographic, schrijft achteraf een boek over over haar reis, maar stoort zich tegelijkertijd aan de aandacht. Voor mij voelt dit alsof ze mij afwijst als lezer, en ik merk dat ik haar in de loop van het boek steeds egoïstischer en arroganter vind worden. Hebben we aan het begin van het boek nog gemeen dat we niets weten van het reizen door de outback, op het einde van het boek sluit ze me buiten als een domme toerist die zich nergens mee moet bemoeien. Wat het nog eens bemoeilijkt om contact met Davidson te krijgen is dat ze in toon en tempo geen onderscheid maakt tussen zakelijke mededelingen en emotioneel geladen onderwerpen. De dood van haar hond lijkt mij tenminste een heel emotionele aangelegenheid, maar is in het boek in amper een pagina een feit. Ik moet eerlijk toegeven dat ik wel erg nieuwsgierig ben naar wat de film gaat doen. Gaat die wel de emotionele verbinding aan met de kijker, of ga ik hier dezelfde afstand ervaren? Ik wil het zeker gaan beleven, met het risico dat ik dezelfde irritatie voel als bij het boek. Hopelijk wordt dit dan verzacht door beelden van het prachtige, prachtige Australië.
American Idol seizoen 13
Seizoen 13 van American Idol loopt alweer op zijn eind. We zijn toe aan de laatste drie, alhoewel voor mij eigenlijk ook al duidelijk is wie de finalisten zullen zijn. Jena Irene en Caleb Johnson zijn zeer aan elkaar gewaagd, terwijl de softere Alex Preston nog steeds wat moeite heeft met het echt contact krijgen met het publiek. Mijn voorspelling is dat dit laatste hem zal opbreken. Het zijn uiteraard weer talentvolle jonge zangers en de top drie lijkt zeker als je naar de laatste tien kijkt een logische en terechte. Toch is het dit jaar een ander seizoen dan 'gebruikelijk'. De jury van deze editie, en dan met name Harry Connick jr, lijkt meer op zoek te zijn naar authentieke artiesten, dan naar de zogenaamde gouden strotjes. Zo kon het dan ook gebeuren dat er bij de laatste tien nog steeds kandidaten waren die af en toe lastig toon konden houden. Maar zo kan het ook gebeuren dat we dit jaar een bijzondere artiest gaan krijgen als winnaar, met een al stevig gevormde eigen stijl. Dit in tegenstelling tot de winnaars die fantastisch konden zingen, maar waarvan de identiteit gevormd werd na de winst. Naar mijn mening werd dit iets te veel door de platenmaatschappij gedaan en iets te weinig vanuit de persoon zelf. Jammer, want als je zo'n vliegende start van je carrière hebt is het daarna lastig bijsturen denk ik. Dan kun je maar beter direct op het spoor zitten waar je zelf wilt zijn. Geen karaoke-show dit jaar dus bij American Idol en ik vind dat genieten. Of het echt grote publiek dat uiteindelijk ook nog vindt is maar afwachten. Het gemiddelde publiek blijft toch klappen en joelen bij een uithaal in een liedje, terwijl dat op den duur toch echt gaat vervelen. Pas als het gepast en oprecht is krijg ik er weer kippenvel van. Zoals in deze prachtige versie van Jena Irene van Can't help falling in love with you, in mijn ogen de grootste kanshebber op de winst:
zondag 4 mei 2014
Agfa Clack
De Agfa Clack is een camera waar ik al langere tijd in geïnteresseerd was. Ik vond de vorm mooi, en zoals bij meer camera's uit de jaren '60 sprak de eenvoud me heel erg aan. Geen ingewikkelde instellingen, draaiknopjes en schuifjes, maar gewoon klik klak en klaar. Ik zou hiermee ook zomaar de herkomst van de naam van de Agfa Clack en zijn broer de Agfa Click verklaard kunnen hebben. Ik denk namelijk niet dat daar een heel veel diepere gedachtes achter zitten. Toen ik er eentje zag op Ebay voor 3 euro (normaal 30-40) kon ik de verleiding niet weerstaan. Het zou dan waarschijnlijk niet het meest gave exemplaar zijn, maar ik zou eindelijk kunnen kijken waar de Agfa Clack toe in staat zou zijn. Het eerste waar ik door verrast werd, was toch nog door het robuuste formaat. Ik kende de voorkant van de camera van de foto's, maar had me niet gerealiseerd dat hij bijna een blokachtige vorm zou hebben. Het tweede wat ik van te voren niet wist, was dat de foto's geschoten worden op 9x6 formaat. Als vergelijking: de meeste 120mm camera's hebben negatieven van 6x6, wat inhoudt dat je twaalf foto's op een rolletje kunt maken. Met het formaat van de Agfa Clack is dat teruggebracht naar slechts negen. Het maken van de foto's is technisch in ieder geval niet lastig (clack en klaar), maar inschatten wat er nou op de foto's komt blijkt dat des te meer. De zoeker is niet heel scherp en het voelt alsof je maar een slag in de ruimte doet. Wat achteraf bezien een uitdaging blijkt is om de foto's scherp te krijgen. Dat is me in een aantal gevallen van het eerste rolletje om de een of andere reden niet gelukt, terwijl ik toch echt wel gewoon stilgestaan heb. Iets om bij volgende filmpjes extra goed op te letten. Maar goed, er zijn gelukkig vooral positieve ervaringen te melden, die de Agfa Clack een waardevolle aanwinst voor mijn verzameling maakt. Oordeel zelf:
De allereerste foto met de Agfa Clack: haarscherp en prachtig van kleur. Wat wel en niet op de foto zou komen voelde als een gok en bleek minder te zijn dan ik hoopte, Zaandam april 2014
Scherp in het midden, iets waziger aan de randen: zo zie ik mijn foto's graag. Wat deze foto van het station in Zaandam voor mij vooral bijzonder maakt zijn de kleuren. Ik heb met een regulier Lomography CN 400 rolletje geschoten en ben erg gelukkig met de roodachtige warme tinten die ik eigenlijk niet in deze mate ken van deze film. Ik schrijf het dan ook graag toe aan de combinatie met de Agfa Clack, Zaandam april 2014
Ook deze foto van de tuinen bij het Rijksmuseum vind ik prachtig van kleur geworden. Ik ben ook helemaal niet ontevreden over hoe hij omgaat met lastige lichtomstandigheden. Het contrast tussen zon en schaduw was hier namelijk vrij groot, iets wat de camera aardig in balans weet te houden, Amsterdam april 2014
De warme kleuren komen op deze foto van het Rijksmuseum wederom mooi tot zijn recht. Jammer dat de foto niet scherp is, terwijl daar eigenlijk geen reden voor lijkt te zijn, Amsterdam april 2014
maandag 21 april 2014
Lincoln Memorial @lomografie
Op het einde van de National Mall bevindt zich het enorme Lincoln Memorial. Het is voor mij vooral bekend als achtergrond bij grote manifestaties. Het is daarmee niet alleen een imposant bouwwerk, maar ook een plek die een rol heeft gespeeld bij belangrijke momenten in de Amerikaanse geschiedenis. Denk aan de beelden van Martin Luther King die zijn beroemde speech maakte, waarbij het Lincoln Memorial een prachtig decor vormde. Behalve dat de trappen heel fotogeniek zijn, evenals het uitzicht richting het Washington Monument, is ook het enorme beeld van Lincoln een imposante verschijning. Iedereen moet er dan ook mee op de foto, dus als je zelf deze foto ook wilt dan moet je of een beetje brutaal zijn, of een hoop geduld hebben. Dit jaar troffen we het Lincoln Memorial op een bijzonder koude dag. Het bijzondere daaraan was dat er hier en daar nog wat sneeuw lag. Dit gaf zeker op diafilm een extra mooi effect. Maar eigenlijk kun je met dit gebouw niet misgaan, welke camera of film je ook gebruikt:
Vooraanblik van het Lincoln Memorial met de Holga 120N op Fuji Velvia 100F, maart 2014
De National Mall vanaf de trappen van het Lincoln Memorial met de Holga 120N op Fuji Velvia 100F, maart 2014
Blik tussen de pilaren met de LC-Wide op Fuji Velvia 50, maart 2014
Het Lincoln Memorial vanaf de zijkant met sneeuw op het grasveld met de LC-Wide op Fuji Velvia 50, maart 2014
Labels:
Amerika,
analoog,
fisheye baby 110,
Fujichrome,
Holga,
lc-wide,
lomografie,
reizen,
Washington,
x-pro
Lomography Horizon Kompakt
De Horizon Kompakt is een camera die eigenlijk vanaf het begin van mijn kennismaking met Lomography al op mijn verlanglijstje staat. Het duurde echter tot afgelopen maart voordat hij bovenaan het lijstje kwam en we hem eindelijk, met behulp van een welverdiende pluim, aangeschaft hebben. De prijs is dan ook inderdaad één van de redenen waarom we er zo lang mee gewacht hadden: de Lomograhy Horizon Kompakt kost 249 euro, toch een hoop geld. Maar voor dat geld krijg je wel wat. De Lomography Horizon Kompakt is een beest van een camera. Hij is zwaar, lomp en lijkt onder alle omstandigheden te kunnen presteren. Wat deze camera zo bijzonder maakt is de bewegende lens. Bij het maken van de foto beweegt deze in hoog tempo van links naar rechts, waarmee hij een hoek van 120 graden pakt. Je beeld wordt op deze manier uiteraard vervormd, iets waar je aan moet wennen en van moet houden. Ik vind het prachtig. Ook de nacht-stand is zeer indrukwekkend. De lens beweegt dan in een trager tempo en pakt, zolang je de camera maar goed stil houdt, verbazingwekkend goed de omgeving op. Bewegende objecten zoals auto's geven hierbij een extra mooi effect. Mijn enige kanttekening bij deze camera is dat hij de neiging heeft tot overbelichten. Aangezien wij niet de kans hadden gehad om te testen voordat we naar Amerika gingen, werden we hier enigszins door verrast toen we de rolletjes ontwikkelden. Had ik het eerder geweten had ik wellicht voor tragere film gekozen. Al met al ben ik erg onder de indruk van deze camera en kan ik niet wachten om er nog meer mee te experimenteren.
Erg onder de indruk van één van de eerste probeersels met de Horizon Kompakt bij nacht, Manhattan NYC, maart 2014
Een duidelijk voorbeeld van het overbelichten van deze camera. Een rolletje van 400 iso had prima moeten kunnen onder deze omstandigheden. Het effect vind ik evengoed wel erg mooi, National Mall Washington, maart 2014
Op deze foto komt de 120 graden hoek mooi tot zijn recht in de vertekening van de trappen, Lincoln Memorial Washington, maart 2014
Eén van de eerste foto's die ik maakte met de Horizon Kompakt, genomen op de nachtstand 's ochtends vroeg op het Leidseplein. Hoe het effect van wazig naar haarscherp is ontstaan is me een raadsel, iets wat deze foto één van mijn favoriete tot nu toe met deze camera maakt, Amsterdam, maart 2014
Labels:
Amsterdam,
analoog,
Horizon Kompakt,
Leidseplein,
lomografie,
Washington
zondag 13 april 2014
Diana Baby 110 @NYC
Eén van de toestellen die standaard in mijn tas zit is de Diana Baby 110. Het formaat speelt hier uiteraard een rol bij, maar ik ben ook steeds meer gaan houden van de rafelige, korrelige en kleurrijke beeldjes. In New York bleek deze camera extra goed tot zijn recht te komen: letterlijk alle foto's gemaakt in New York met de Diana Baby 110 vind ik prachtig, en dat is natuurlijk best bijzonder. Maakt dat ik mij afvraag waarom nou juist deze camera met deze film zo'n goede match bleek met New York. Veel plaatsen en beelden in New York zijn iconisch en zelfs bijna abstract weergegeven nog steeds herkenbaar. Denk aan de skyline van Manhattan, de Brooklyn Bridge, het Empire State Building: allemaal beelden die tot in perfectie al gefotografeerd zijn en waar nog lastig iets aan toe te voegen is. Misschien is het juist daarom zo geslaagd om het vanuit de minst perfecte hoek te proberen. De Diana Baby 110 maakt, zeker in combinatie met slide film, immers verre van (technisch) perfecte foto's. De essentie blijft over: de vormen, de kleuren en het effect van het licht. Ik kan hier echt van genieten:
Uitzicht op Manhattan vanaf Brooklyn, maart 2014
De Brooklyn Bridge gefotografeerd vanaf de Brooklyn kant, maart 2014
Times Square op een donkere, koude dag. De slidefilm haalt de kleuren prachtig naar voren en brengt de rest naar de achtergrond, maart 2014
Mijn favoriet: Empire State Building gefotografeerd langs Madison Square Garden. Door het licht verdwijnen alle details en blijft alleen de essentie over, maart 2014
dinsdag 1 april 2014
New York City Subway
Aangezien wij geen auto rijden is het in iedere stad waar we komen weer een uitdaging om het openbaar vervoer onder de knie te krijgen. Gelukkig lijkt het ene systeem veel op het andere, en zijn we daarnaast al in veel steden vaker geweest, dus een echt probleem is dit niet. Neemt niet weg dat de ene stad uitdagender is dan de andere. De metro van New York zit op zijn zachtst gezegd aan de uitdagende kant. Ten eerste is het metronetwerk heel uitgebreid. Het heeft 468 stations en strekt zich uit over 373 kilometer aan routes (wikipedia). Natuurlijk zit er wel enige logica in, maar het is een lastige puzzle om van punt a naar punt b te komen zonder kaart. Weet je eindelijk dat je de juiste metro hebt, is het ook nog eens opletten of je wel de goede kant op gaat. De stations zijn uitgestrekt en ontnemen je ieder richtingsgevoel. Daarbij worden de stations niet of onverstaanbaar omgeroepen in de metro, wat het er niet makkelijker op maakt. Je moet het echt als een uitdaging zien, en er ruim de tijd voor nemen voor het geval je een keer fout zou zitten. Verder is er in New York een hele dunne scheidslijn tussen authentiek en vervallen en ranzig. De stations kunnen erg donker en groezelig aandoen, om het woord vies niet in de mond te nemen. De veelvuldig gesignaleerde ratten die tussen het spoor rennen dragen hier zeker aan bij. Al zou je het speuren naar ratten ook kunnen zien als tijdverdrijf bij het wachten op de volgende metro. Er vanuit gaande dan dat ze beslist niet op de perrons komen.. Al met al is de metro van New York onlosmakelijk verbonden met de totale New York-ervaring, en als je het eenmaal een beetje onder de knie hebt is het een prima manier om de stad te doorkruisen. Het leukst is het als je op bepaalde trajecten geen kaart meer nodig hebt, en je jezelf even een echte New Yorker waant. Tot je weer staat te draaien zodra je bovenkomt omdat je geen idee hebt aan welke kant je nu weer uitgestapt bent..
zondag 9 maart 2014
Redscale BeLomo Etude (Etyud)
Inmiddels heb ik al behoorlijk wat foto's op Redscale film gemaakt en het blijft me intrigeren. De ene foto natuurlijk wat beter gelukt dan de ander, maar er zitten zeker bijzondere plaatjes tussen. Het enige wat me nog niet gelukt was, was hetgeen waar het me eigenlijk om ging: het bruine vintage-achtige effect. Mijn foto's werden rood, of oranje, of iets wat daar op leek. Vintage bruin was echter nog heel ver te zoeken. Een camera die me zou helpen dit te bereiken was de BeLomo Etude had ik zo bedacht. Die heeft van zichzelf al wat de neiging tot overbelichten, dus dit zou weleens een goede combinatie kunnen zijn. En zo ging ik dus op pad, met de BeLomo Etude en een rolletje Lomography Redscale XR 50-200. Ik had gelijk, al zeg ik het zelf. Ik heb verschillende manieren van fotograferen geprobeerd en al valt er nog veel aan te verbeteren, voor het eerst kom ik een beetje in de buurt van wat ik al die tijd beoogd had.
Ik ben begonnen met een gewone foto, enkele afdruk in redelijk zonnig weer:
Vervolgens ben ik in Den Helder, op een knap bewolkte dag, met dubbels bezig geweest:
Tenslotte ben ik gaan experimenteren met de sluitertijd. Ik heb hierbij gevarieerd van twee tot wel acht seconden. Niet perfect, maar vintage bruin komt steeds dichterbij:
Nog lang niet uitgeëxperimenteerd dus met Redscale, het nadenken wordt over de volgende succesvolle combinatie en werkwijze. Wordt vervolgd.
A Boy and a Girl
Jongen ontmoet meisje en wordt verliefd, dat is waar A Boy and a Girl primair om draait. Waarschijnlijk het oudste verhaal in de wereld, en zeker niet het meest originele. Op het eerste gezicht dan. De start van het boek geeft namelijk al meteen een interessante twist. A Boy and a Girl speelt in een toekomst met robots en vliegende auto's, een toekomst waarin niet alles is wat het lijkt. Het geeft het geheel een interessante achtergrond, die maakt dat het verhaal alle kanten uit kan gaan. De reden waarom dit werkt voor mij is dat het hele sci-fi onderdeel niet de hoofdmoot vormt. Het gaat om de ontmoeting tussen Travis en Charley en de beperkte tijd die ze samen door mogen brengen. De reden dat hun liefde van korte duur is heeft wel weer alles met de futuristische setting van doen. Het vertelperspectief wisselt per hoofdstuk, wat wel even opletten is, maar wat ook zeker een extra dimensie geeft. Dit alles in een leuke vlotte tekenstijl gezet in blauw, wit en zwart. Al met al een lekker frisse graphic novel van schrijver Jamie S. Rich en tekenaar Natalie Nourigat, met een verrassend slot dat ik niet aan zag komen. Maar dat kan ook aan mij liggen.
The Salinger Contract
Eén ding is zeker: als je de naam Salinger verwerkt in je boektitel dan heb je de aandacht. Het risico is echter dat het vervolgens verwachtingen oproept die je niet waar gaat maken. Dit is wat Adam Langer deed in mijn beleving met zijn boek The Salinger Contract. Ook mijn aandacht werd in eerste instantie getrokken door de verwijzing naar Salinger. Zou het niet direct over hem gaan, dan nog riep het op zijn minst de associatie op met deze schrijver van formaat. De vraag is of je dit moet willen. Adam Langer schreef met The Salinger Contract een lekker, vermakelijk boek. Leuk verhaal, aardige plottwist en niet onaardig geschreven. Echt een boek voor boekenliefhebbers. Het heeft echter niets, maar dan ook niets te maken met de grootsheid van Salinger. Wil je bewust of onbewust de vergelijking met Salinger aangaan? Het lijkt mij niet verstandig. De kans is levensgroot dat je dan in het negatieve uitkomt en daarmee doet Langer zichzelf tekort. Hij heeft immers een fijn, leesbaar boek geschreven, uitermate geschikt voor weekenden en vakanties. En daar verdient hij alle lof voor. De nadrukkelijke associatie met Salinger had hij wat mij betreft beter achterwege kunnen laten. In het boek, prima, maar niet in de titel.
woensdag 26 februari 2014
Fuji Provia 100F
Ergens in de zomer had ik een Fuji Provia 100F rolletje in mijn Poolse Ami66 gedaan. Het verrassende scherpe effect van de plastic lens van de Ami66 leek me een mooie combinatie met een Fujichrome rol. Nu heeft de Ami66 één groot gebrek: de achterkant wil er nog weleens spontaan vanaf vallen doordat de schuifjes aan de zijkant nogal gemakkelijk bewegen. Dit gebeurde dus ook in dit geval: halverwege het rolletje viel de achterkant eraf en in mijn ogen was de film afgeschreven. Er meteen uit halen kon ik niet over mijn hart verkrijgen dus bleef het toestel staan, met een rolletje dat ik als verloren beschouwde. Uiteindelijk vond ik het toch zonde om er helemaal niets meer mee te doen, dus pakte ik een paar weken geleden de camera weer op, schoot het rolletje verder vol en bracht dit alsnog weg. Wat ben ik blij dat ik dit gedaan heb. Ja, er waren wat opnames verpest, maar er zaten ook een aantal prachtige plaatjes op die ik niet had willen missen. En ik had gelijk: de Ami66 is een prachtige combinatie met een Fujichrome film, in dit geval met de Provia 100F. Alleen die achterkant, daar moet ik toch echt wat op verzinnen.
Zomer in Amsterdam met de Ami66 en Fuji Provia 100F, juli 2013
Een half jaar later dan de eerste opnames op deze rol, vooral onder de indruk van de scherpe lijnen en het heldere contrast, januari 2014
Ik kan me niet meer herinneren wanneer of waar in Amsterdam ik deze foto heb gemaakt. Ik denk dat het een zonsondergang is, maar het zou ook een zonsopgang kunnen zijn. Het resultaat is in ieder geval indrukwekkend
Labels:
Ami66,
Amsterdam,
analoog,
foto,
Fujichrome,
lomografie,
provia
Going Clear
Aliens, sekte, geld, persoonlijkheidstests en Tom Cruise, dat is waar ik aan denk bij Scientology. Meer dan zeer zijdelings heb ik er nooit mee te maken gehad. Ook ik ben weleens aangesproken in de Kalverstraat om een persoonlijkheidstest te doen, ik ken het grote pand in Amsterdam en ik verbaas me iedere keer weer over de nadrukkelijke aanwezigheid in Hollywood, maar daar houdt het wel ongeveer op. Er hangt echter een zweem van geheimzinnigheid omheen, die mij altijd wel nieuwsgierig maakte. Het blijft een intrigerende vraag hoe intelligente, weldenkende mensen zich in kunnen laten met iets wat vanaf de buitenkant zo absurd lijkt. Lawrence Wright geeft met zijn Going Clear: Scientology, Hollywood and the Prison of Belief een bijzonder gedetailleerd inzicht in de organisatie en in wat mensen beweegt hier deel vanuit te willen maken. Hij geeft een uitvoerig verslag van het ontstaan ervan, van het leven van oprichter L. Ron Hubbard en van de dynamiek binnen de organisatie. Het laat onder andere de donkere kant ervan zien: de indoctrinaties, het geweld en het misbruik. Maar ook hoe dit zoals hij het noemt jonge geloof zich verhoudt tot andere religies. Hoe confronterend is het dan te moeten constateren dat het in de vergelijking opeens helemaal niet zo absurd meer is. Andere religies hebben ook te maken met machtsbeluste leiders, met boetedoening en ja, ook met misbruik. Ik heb dit boek ademloos zitten lezen. Het leest als een thriller, maar dan wel als één die je op het einde nog even goed aan het denken zet.
zaterdag 15 februari 2014
The Wonder Years
Deze week vond ik na lang zoeken eindelijk de serie The Wonder Years. Niet op DVD of Blu-ray, maar op Netflix, de on demand schatkamer van (oude) televisieseries. The Wonder Years is me als serie altijd bijgebleven, meer dan andere series. De opgroeiende Kevin en Winnie in het Amerika van de jaren '60-'70 spraken voor mij enorm tot de verbeelding. De serie liep op de Amerikaanse televisie van '88 tot '93 en laat het wel en wee zien van het gezin Arnold. Eén van de redenen waarom het mij zo aansprak is denk ik dat ik in de uitzendperiode ongeveer dezelfde leeftijd had als hoofdpersonen Kevin en Winnie. Het voelde als het ware of ik samen met hen opgroeide, al speelde de serie dan eind jaren '60. Dat maakte niets uit, zoals zoveel coming of age verhalen is ook dit verhaal tijdloos. Een andere reden waarom het me zo aansprak was dat ik me toen al erg aangetrokken voelde door Amerika en de Amerikaanse cultuur. Deze komt juist in het jaren '60 decor prachtig tot zijn recht. De grote vraag in 2014 was natuurlijk of de serie nog om aan te zien zou zijn. Gelukkig kan ik zeggen dat dit tot nu toe beslist niet tegenvalt. Op de beeldkwaliteit valt natuurlijk van alles aan te merken, maar de serie zelf blijft voor mij stevig overeind. Ik ben nu drie afleveringen onderweg in het eerste seizoen en verheug me op de vele uren van The Wonder Years die nog voor me liggen.
dinsdag 4 februari 2014
Ruzzle
Je hebt twee soorten online-spelletjes in het casual gaming: spelletjes waarbij je direct tegen iemand speelt, en spelletjes die je alleen speelt. Bij de tweede categorie kan het wel zo zijn dat je af en toe iemand nodig hebt om verder te komen, maar in principe speel je alleen. Bij de eerste categorie, waarbij je dus direct tegen iemand speelt, ben je afhankelijk van wie er nog meer hetzelfde spelletje wil spelen. Je kunt het jezelf hierbij natuurlijk gemakkelijk maken en met een random iemand spelen, maar als je met een bekende wilt spelen kost het iets meer afstemming. Zo kon het gebeuren dat ik maanden geleden een periode lang het woordspelletje Ruzzle met een aantal mensen speelde, toen een tijd niet, en vervolgens met een paar anderen de draad weer opgepakt heb. Bij Ruzzle is het de bedoeling om in een vierkant van letters in twee minuten tijd zoveel mogelijk woorden te vormen. Je speelt drie rondes tegen elkaar, en degene met de meeste punten wint uiteraard. Lange woorden maken loont hierbij enorm, maar hoeveelheid kan je redden wanneer de lange woorden niet lukken. Het is daarbij maar goed dat er geen strafpunten zijn voor woorden die niet bestaan. In dat geval zou ik af en toe weleens in de negatieve cijfers kunnen belanden. Zeker als ik de Engelse versie speel, ondanks mijn behoorlijke woordenschat toch best een stuk lastiger dan de Nederlandse. Afwisselen tussen de Engelse en de Nederlandse versie is daarbij een extra uitdaging die meestal niet goed uitpakt: dan duikt mijn score direct naar beneden. Grappig is ook dat ik 's ochtends voor werktijd toch zichtbaar minder scherp ben dan vroeg in de avond. Dit wil ook nog weleens net het verschil zijn tussen winnen en verliezen. Voorlopig vermaak ik me er in ieder geval weer een tijdje mee, totdat we weer doorstappen richting een ander (woord)spelletje.
zaterdag 1 februari 2014
La Sardina en Fritz the Blitz
Wanneer je analoog wilt fotograferen is de winter niet de meest optimale periode. Korte dagen, weinig licht: de meeste analoge camera's kunnen er maar slecht mee overweg. Helemaal als de winter zich meer gedraagt als een druilerige herfst zoals dit jaar het geval is. De dagen met zon zijn spaarzaam en worden helaas over het algemeen vanuit kantoor aanschouwd. Tegen de tijd dat het tijd is om huiswaarts te gaan is de duisternis alweer ingevallen en de kans op een mooie foto voorbij. Om van de nood maar een deugd te maken heb ik daarom de camera's met flits maar eens uit de kast gehaald. Te beginnen met La Sardina in combinatie met Fritz the Blitz. Fritz the Blitz is de meest krachtige flitser die Lomography te bieden heeft en zou licht in donkere dagen moeten brengen. Er zitten vier plastic kapjes bij om kleureffecten te geven aan je lichtflits. Om te beginnen heb ik binnen maar eens wat foto's gemaakt, iets wat ik analoog sowieso weinig doe.
Elmo met La Sardina en een geel filter voor de flits, december 2013
Het blijkt helemaal niet zo gemakkelijk te zijn om een foto scherp te krijgen met weinig licht, zelfs met het sterke licht van de flitser. Het overgrote deel van de foto's werd dan ook zwaar onscherp. Een ander punt van binnen fotograferen met flits betreft de afstand. Buiten komt dit meestal wel redelijk goed, maar binnen blijkt het toch wel essentieel te zijn om deze enigszins in te schatten en in te stellen. Ook hierdoor zijn er aardig wat foto's anders geworden dan ik gehoopt had. Om het woord 'mislukt' maar niet te gebruiken. Alhoewel het tegengestelde ook voor kan komen: van onderstaande foto binnen in het station van Antwerpen had ik heel weinig verwacht. Lastige lichtbronnen, wisselende afstanden en over het geheel knap donker, maar La Sardina lukte het, samen met de flits:
Antwerpen Centraal met La Sardina zonder filter voor de flits, december 2013
En soms, soms dan wordt een foto precies zoals je hem voor je ziet. We liepen dit steegje aanvankelijk rustig voorbij tot ik stopte en me besefte dat ik een potentieel prachtig plaatje had gezien. Teruggelopen, foto gemaakt en tot mijn verbazing werd hij precies zoals ik me voorgesteld had.
Antwerpen in de regen met La Sardina en een geel filter voor de flits, december 2013
Ik blijf de voorkeur geven aan zon, licht en kleur, maar voorlopig heb ik wel weer genoeg materiaal om verder mee door te experimenteren. En uiteindelijk wordt het vanzelf weer lente.
Elmo met La Sardina en een geel filter voor de flits, december 2013
Het blijkt helemaal niet zo gemakkelijk te zijn om een foto scherp te krijgen met weinig licht, zelfs met het sterke licht van de flitser. Het overgrote deel van de foto's werd dan ook zwaar onscherp. Een ander punt van binnen fotograferen met flits betreft de afstand. Buiten komt dit meestal wel redelijk goed, maar binnen blijkt het toch wel essentieel te zijn om deze enigszins in te schatten en in te stellen. Ook hierdoor zijn er aardig wat foto's anders geworden dan ik gehoopt had. Om het woord 'mislukt' maar niet te gebruiken. Alhoewel het tegengestelde ook voor kan komen: van onderstaande foto binnen in het station van Antwerpen had ik heel weinig verwacht. Lastige lichtbronnen, wisselende afstanden en over het geheel knap donker, maar La Sardina lukte het, samen met de flits:
Antwerpen Centraal met La Sardina zonder filter voor de flits, december 2013
En soms, soms dan wordt een foto precies zoals je hem voor je ziet. We liepen dit steegje aanvankelijk rustig voorbij tot ik stopte en me besefte dat ik een potentieel prachtig plaatje had gezien. Teruggelopen, foto gemaakt en tot mijn verbazing werd hij precies zoals ik me voorgesteld had.
Antwerpen in de regen met La Sardina en een geel filter voor de flits, december 2013
Ik blijf de voorkeur geven aan zon, licht en kleur, maar voorlopig heb ik wel weer genoeg materiaal om verder mee door te experimenteren. En uiteindelijk wordt het vanzelf weer lente.
Labels:
analoog,
Antwerpen,
foto,
Fritz the Blitz,
La Sardina,
lomografie
zaterdag 25 januari 2014
Saving Mr Banks
Iedereen kent toch ergens wel de film Mary Poppins, of tenminste wat liedjes er uit. Ik heb hem in ieder geval meerdere keren gezien tijdens mijn jeugd. Niet zo vaak als The Sound of Music, die andere grote 'Julie Andrews-kraker', maar toch zeker een aantal keer. Hoe de film tot stand gekomen was wist ik echter helemaal niet en ik was dan ook aangenaam verrast dat hier een verhaal achter zat en dat hier nu dan een film over gemaakt was. In Saving Mr Banks wordt verteld hoe Walt Disney alle mogelijke moeite doet om de rechten te krijgen van Mary Poppins van auteur P.L. Travers. Hij heeft zijn kinderen ooit beloofd Mary Poppins naar het witte doek te brengen en is vastbesloten deze belofte na te komen. Pamela Travers blijkt echter niet zomaar afstand te hebben willen doen van haar karakter Mary Poppins. Wat volgt is een ontroerend mooie film, met een wereldrol van Emma Thompson als Pamela Travers. Onbegrijpelijk dat zij hier geen Oscarnominatie voor heeft gekregen. Voor mijn 'Het Beste van'-lijstje is deze film zeker wel genomineerd, wat de stand al op twee fantastische films in 2014 brengt.
Philomena
Het jaar 2014 is nog maar goed drie weken onderweg en het belooft nu al een goed filmjaar te worden. Sterker nog: ik zou al weleens wat films gezien kunnen hebben die in mijn 'Het Beste van 2014'-lijstje gaan komen. De film Philomena zou daar zomaar eens tussen kunnen staan. In deze film gaat Philomena, meesterlijk neergezet door Judi Dench, samen met journalist Martin Sixsmith, een prachtige rol van Steve Coogan, op zoek naar haar zoon Anthony. Ze heeft Anthony vijftig jaar daarvoor als tiener gekregen en moest toezien hoe de nonnen hem lieten adopteren door een Amerikaanse familie. Het verhaal is gebaseerd op het boek The Lost Child of Philomena Lee, geschreven door journalist Martin Sixsmith die het waargebeurde verhaal van deze adoptie opschreef. Wat de film bijzonder maakte voor mij is de combinatie van humor en drama, en de ingetogen manier waarop dit gedaan is. Het is een ontroerende, respectvolle film die volkomen terecht voor vier Oscars genomineerd is.
zondag 19 januari 2014
Nothing Can Possibly Go Wrong
De graphic novel Nothing Can Possibly Go Wrong is ontstaan uit een samenwerking tussen Prudence Shen en Faith Erin Hicks. Het is een typisch highschoolverhaal: geef een populaire sportjongen, een nerd en een aantal cheerleaders een gezamenlijk doel en klaar zijn we. Het had een aflevering van Glee kunnen zijn. Dat neemt niet weg dat het lekker wegleest, een prima boodschap heeft en ook best origineel blijft. Voor iedereen die van graphic novels houdt en van luchtige tienerverhalen, want behalve een zijlijntje over gescheiden ouders is er weinig diepgang in dit boek. En in dit geval is dat helemaal prima.
Lomography Fisheye Baby 110
Naast de Lomography Diana Baby 110, heb ik sinds een tijdje ook de fisheye-variant: de Lomography Fisheye Baby 110. De aantrekkingskracht zit hem ook hier in de eerste plaats in het formaat: het is een mini-camera die bijna kleiner is dan het 110mm filmpje dat er in gaat. Het hoge schattigheidsgehalte kan echter enigszins misleidend werken: het is nog lang niet gemakkelijk om hier een goede foto mee te maken. Ik ben gestart met Lomography Color Tiger film, één van de weinige soorten film die er überhaupt nog te krijgen is op dit formaat. Dit is een gewone negatief 200 iso film, om het mezelf niet meteen te lastig te maken. De lol van de fisheye is om rechte lijnen te fotograferen, maar niet iedere poging hiertoe leidt automatisch tot resultaat. Wanneer ik naar de resultaten kijk die ik dat ik toch wat ver van de objecten gestaan heb voor een groot(s) effect. Daarnaast is licht een issue. We hadden een werkelijk prachtige dag in Düsseldorf, weliswaar in beperkt winterlicht, maar toch vol zon. Viel dit licht echter weg, dan is het contrast direct groot. Jammer, daardoor zijn enkele foto's toch nog aan de donkere kant geworden, en is het contrast met de blauwe lucht net te groot. Ander puntje is dat ik blijkbaar een aantal keren niet goed doorgedraaid heb. Geen idee hoe dit kan en hoe dit te voorkomen, maar feit is dat het een aantal keren gebeurd is. Ik ben benieuwd wat deze camera met de Lomography Peacock X-Pro 110 film doet, maar daarmee wacht ik toch maar even tot de lentezon.
Het contrast tussen wel in de zon en niet in de zon is groot, Düsseldorf, december 2013
Prachtige kleuren, maar helaas blijkbaar niet goed doorgedraaid, Düsseldorf, december 2013
Bij zonsondergang gemaakt in Zaandam. Hier zie je dat hij toch wel heel veel licht nodig heeft, want zo donker was het echt nog niet, Zaandam, december 2013
Make Yourself Happy
Als ik zo zou kunnen tekenen en schrijven als Lucy Knisley, dan zou ik ook van elke vakantie een boek maken. Van elke gebeurtenis wel, of inderdaad, misschien ook wel van elke non-gebeurtenis. Dat maakt het echter nog niet interessant voor iedereen om te lezen, hoe charmant wellicht ook weergegeven. Ik heb deze "kritiek" al vaker op Lucy Knisley geuit, en ik ga het ook weer doen met betrekking tot haar 2010 boek Make Yourself Happy. Laat ik beginnen met het positieve dat, laat daar geen onduidelijkheid over bestaan, gelukkig weer ruimschoots de overhand heeft. Knisley heeft in deze verzameling van korte comics een fijn geluid waarbij de stijl die ik zo kan waarderen weer prima tot zijn recht komt. Het leest als een trein en is zeer ontspannend. Ik zou alleen zo graag eens zien dat die frisse blik die Knisley duidelijk heeft iets meer naar buiten gericht zou zijn, inplaats van naar binnen. Het gaat weer over Lucy, Lucy en Lucy. Zou ze haar eigen rol iets minder groot maken en meer ruimte geven aan de buitenwereld, dan zou het wat mij betreft een stuk interessanter worden. Ik blijf zeggen dat het deels te maken heeft met volwassen worden, maar dat wordt dan zo onderhand nu wel eens tijd. Met zo'n talent als zij heeft moet meer kunnen, daar ben ik nog steeds van overtuigd. Neemt niet weg dat Make Yourself Happy weer prettig leesvoer is en ik uitkijk naar haar volgende boek.
zondag 12 januari 2014
Kodak Ektachrome E100SW
Eén van de leukste dingen van Lomography vind ik het experimenteren met verschillende soorten film. Hierbij staan de zogenaamde slide-films nog steeds bovenaan mijn lijstje. De extreme resultaten vind ik iedere keer weer heel erg leuk en spannend. Afgelopen december kocht ik bij de Four Corner Store vijf rolletjes Kodak Ektachrome E100SW. Deze film is aanzienlijk lastiger te verkrijgen dan diverse Fuji-varianten omdat Kodak al geruime tijd helaas geen slide-film meer maakt. De vijf rolletjes die ik binnenkreeg hadden dan ook een houdbaarheidsdatum van ergens in 2004. Dit heeft echter geen negatieve invloed gehad op de kwaliteit. Van de twaalf foto's die ik nam met de Holga op deze film vind ik pakweg de helft prima, en de andere helft echt fantastisch. Ik ben dus heel gelukkig met de resultaten. Het blauw is zo intens, en ook tegen de zon in blijven de kleuren en contrasten overeind. Het mooiste vind ik het warme bruin/rood in de foto's, iets wat bij veel slide-film te weinig naar voren komt wat mij betreft. Fijn dat ik nog vier rollen in de koeling heb liggen. Het wachten is nu op weer zo'n prachtige dag als we in Düsseldorf hadden.
Het warme geel/bruin vind ik op deze foto echt prachtig, Düsseldorf, december 2013
Nog een foto waar de kleuren prachtig knallen, Düsseldorf, december 2013
Recht tegen de zon in levert mooie contrasten met nog steeds hetzelfde diepe blauw, Düsseldorf, december 2013
Iets ander licht levert een iets diepere kleur blauw, Düsseldorf, december 2013
Labels:
analoog,
Düsseldorf,
ektachrome,
Holga,
kerstmarkt,
kodak,
lomografie,
x-pro
Jelly Splash
Uiteindeljk is er voor mij dan toch een einde gekomen aan Candy Crush. Ik ben gekomen tot level 317, en daar hield het voor mij op. Hoe enorm veel dit soort spelletjes ook op elkaar lijken, af en toe wil je toch weer even iets nieuws. Facebook bracht mij bij Jelly Splash, een nieuwe variant in het blokjes draaien/tikken/slepen genre. Het is grafisch geen hoogstandje en inhoudelijk verre van vernieuwend. Het doet echter wat het moet doen en ik vermaak me er voorlopig nog prima mee. Natuurlijk heeft ook dit spelletje weer frustratielevels waar je langer over doet dan gemiddeld. Zo zit ik nu alweer een aantal dagen vast in level 103 en is de oplossing nog niet in zicht. Extra uitdaging is dat ik na vijf pogingen nu echt moet stoppen, want doordat niet de hele wereld massaal naar dit spel is overgestapt krijg ik maar sporadisch nieuwe levens aangereikt. Bij nader inzien is dit misschien ook wel een voordeel. Er zit toch weer iets verslavends in en het is fijn om tijd over te houden voor andere dingen.
Brain on Fire
Wakker worden in een ziekenhuisbed, vastgebonden met om haar pols een bandje met 'flight risk', dit is hoe Susannah Cahalan zich het dieptepunt van haar geheimzinnige ziekte herinnert waar ze in 2009 door getroffen werd. Het begon met vage klachten, die snel overgingen in paranoïde gedrag, gevolgd door epileptische aanvallen. New York Post reporter Cahalan schreef er drie jaar later een fantastisch boek over met de naam Brain on Fire. Ze is op onderzoek gegaan om uit te vinden wat er nu precies gebeurd is. Haar belangrijkste drijfveer hierbij was om de gaten in haar geheugen te vullen. Dit heeft geresulteerd in een precies verslag van alle gebeurtenissen. Het is enorm meeslepend en daarmee een boek dat weg leest als een thriller. Cahalan beschrijft niet alleen haar eigen ervaringen, maar ook het pad dat de doktoren aflegden om uiteindelijk tot de juiste diagnose te komen. Het verhaal is hiermee vaak zakelijk en inhoudelijk. Voor emoties is in Brain on Fire ook ruimte, maar deze worden net zo objectief beschreven als de rest van het verhaal. Persoonlijk viel mij dit pas op toen ik in een recensie op Goodreads de teleurstelling van een lezer teruglas die meer drama had verwacht. Zij vond Cahalan te koel, voelde teveel emotionele afstand. Blijkbaar spreekt deze manier van beschrijven mij wel erg aan, want ik had de emoties niet bepaald gemist. Ik vond het vooral ongelofelijk interessant en tegelijkertijd reuze verontrustend dat dit ieder gezond mens zou kunnen overkomen. Een heel interessant boek dus, dat ook nog eens erg erg goed geschreven is. Verwacht alleen geen 'Waargebeurde woensdagavondfilm', voor wie nog weet wat dat was.
woensdag 1 januari 2014
Het beste van 2013: Lomografie
Zonder enige vorm van overdrijving kan ik toch wel zeggen dat de lomografie het afgelopen jaar een extra dimensie toegevoegd heeft aan mijn manier van fotograferen en de manier waarop ik om me heen kijk. Dit uit zich in talloze foto's, maar ook in een goed gevulde camera-kast en een mooie verzameling film in de koelkast. Vandaar een apart lijstje dit jaar voor de lomografie: een lijstje met camera's, film, en plaatsen waar ik vanwege de toevoeging van de analoge fotografie extra van genoten heb. In willekeurige volgorde:
Fujichrome
Het vinden en proberen van nieuwe film was voor mij dit jaar echt een ontdekkingsreis. Hierbij was ik van de verschillende soorten slidefilm van Fuji verreweg het meest onder de indruk. Of het nou Velvia, Provia of MS 100/1000 was, ik vond ze allen even spannend. Op 120 film vind ik de effecten het mooist, vooral het intens diepe blauw van Provia 100F en MS 100/1000 vind ik op dit formaat prachtig. Gelukkig heb ik inmiddels een aardig voorraadje opgebouwd want enkele varianten worden niet meer gemaakt. Aankomend jaar ga ik op zoek naar Fuji Astia en Sensia, twee soorten Fujichrome waar ik nog heel graag mee op pad wil.
LC-Wide
Mijn duurste camera uit mijn verzameling, maar wat is hij het waard. Afgelopen jaar heb ik hem veel gebruikt met slidefilm, maar eigenlijk vind ik hem met negatief film op zijn mooist. Haarscherp, met prachtige kleuren en natuurlijk met zijn enorme groothoeklens: de LC-Wide is een prachtige, prachtige camera.
Polen
Tijdens onze vakantie naar Polen kreeg ik de smaak van de analoge fotografie echt te pakken. Mijn Diana F+ had ik voorzien van een 35mm achterkant en Lomography CN 800 film, die mij gezien het gebrek aan licht in februari het meest geschikt leek. Het leverde wisselende foto's op, met resultaten waar ik aan moest wennen. De meest bijzondere foto's maakte ik in Auschwitz, waar de sneeuw oplichtte en de weinig aanwezige kleuren extra naar voren kwamen. Dit was tevens de eerste vakantie dat ik met slidefilm fotografeerde: ik kocht in de Lomography Gallery Store in Berlijn mijn eerste Fujichrome MS 100/1000 filmpje dat bij de overblijfselen van de muur nog steeds één van de beste foto's tot op de dag van vandaag opleverde.
Amsterdamse grachten
Welke camera of film er ook geprobeerd moet worden, de Amsterdamse grachten zijn een dankbaar en geslaagd decor. Wat lomografie voor mij zo waardevol maakt is dat ik honderd keer ergens gelopen kan hebben, maar met een camera op zak dingen zie die ik nooit eerder zag. Een extra dimensie dus aan alledaagse plaatsen, gebouwen en ja, grachten. Wat een voorrecht is het dan om op zo'n mooie plaats te wonen. Dat er nog maar veel mooie foto's van de grachten mogen volgen.
Los Angeles
Los Angeles is wat betreft licht en sfeer de ideale lomo-stad als je het mij vraagt. Onbegrijpelijk dan ook dat de beide Lomography Gallery Stores hier het afgelopen jaar de deuren moesten sluiten. Los Angeles heeft de oceaan, de architectuur en het prachtige typische licht dat Californië zo kenmerkt. Het enige waar je af en toe wel echt naar op zoek moet is kleur, zeker als je met slide film fotografeert.
Herfst
Poging nummer twee dit jaar om de herfst analoog te fotograferen. Vorig jaar kwamen de herfstkleuren op mijn foto's door mijn gebrekkige ervaring, de beperkte keus in camera's die ik toen nog had en de niet zo handige keus voor Redscale film niet echt uit de verf. Dit jaar heb ik het dan ook grootser aangepakt en risico's gespreid. Met vier camera's heb ik herfstfoto's gemaakt, op vijf verschillende soorten film. Aangenaam verrast was ik door de resultaten van de Belomo Vilia Auto met Rollei Crossbird film, evenals door de effecten van Lomography Slide X-Pro 200 film in de Holga. Het wachten is nog op de LC-Wide resultaten, deze moeten nog ontwikkeld worden. Hoewel ik daar natuurlijk hoge verwachtingen van heb, vind ik echter ook zonder die foto's mijn analoge herfst al geslaagd dit jaar. Het is nu wachten op de winter.
Fujichrome
Het vinden en proberen van nieuwe film was voor mij dit jaar echt een ontdekkingsreis. Hierbij was ik van de verschillende soorten slidefilm van Fuji verreweg het meest onder de indruk. Of het nou Velvia, Provia of MS 100/1000 was, ik vond ze allen even spannend. Op 120 film vind ik de effecten het mooist, vooral het intens diepe blauw van Provia 100F en MS 100/1000 vind ik op dit formaat prachtig. Gelukkig heb ik inmiddels een aardig voorraadje opgebouwd want enkele varianten worden niet meer gemaakt. Aankomend jaar ga ik op zoek naar Fuji Astia en Sensia, twee soorten Fujichrome waar ik nog heel graag mee op pad wil.
LC-Wide
Mijn duurste camera uit mijn verzameling, maar wat is hij het waard. Afgelopen jaar heb ik hem veel gebruikt met slidefilm, maar eigenlijk vind ik hem met negatief film op zijn mooist. Haarscherp, met prachtige kleuren en natuurlijk met zijn enorme groothoeklens: de LC-Wide is een prachtige, prachtige camera.
Polen
Tijdens onze vakantie naar Polen kreeg ik de smaak van de analoge fotografie echt te pakken. Mijn Diana F+ had ik voorzien van een 35mm achterkant en Lomography CN 800 film, die mij gezien het gebrek aan licht in februari het meest geschikt leek. Het leverde wisselende foto's op, met resultaten waar ik aan moest wennen. De meest bijzondere foto's maakte ik in Auschwitz, waar de sneeuw oplichtte en de weinig aanwezige kleuren extra naar voren kwamen. Dit was tevens de eerste vakantie dat ik met slidefilm fotografeerde: ik kocht in de Lomography Gallery Store in Berlijn mijn eerste Fujichrome MS 100/1000 filmpje dat bij de overblijfselen van de muur nog steeds één van de beste foto's tot op de dag van vandaag opleverde.
Amsterdamse grachten
Welke camera of film er ook geprobeerd moet worden, de Amsterdamse grachten zijn een dankbaar en geslaagd decor. Wat lomografie voor mij zo waardevol maakt is dat ik honderd keer ergens gelopen kan hebben, maar met een camera op zak dingen zie die ik nooit eerder zag. Een extra dimensie dus aan alledaagse plaatsen, gebouwen en ja, grachten. Wat een voorrecht is het dan om op zo'n mooie plaats te wonen. Dat er nog maar veel mooie foto's van de grachten mogen volgen.
Los Angeles
Los Angeles is wat betreft licht en sfeer de ideale lomo-stad als je het mij vraagt. Onbegrijpelijk dan ook dat de beide Lomography Gallery Stores hier het afgelopen jaar de deuren moesten sluiten. Los Angeles heeft de oceaan, de architectuur en het prachtige typische licht dat Californië zo kenmerkt. Het enige waar je af en toe wel echt naar op zoek moet is kleur, zeker als je met slide film fotografeert.
Herfst
Poging nummer twee dit jaar om de herfst analoog te fotograferen. Vorig jaar kwamen de herfstkleuren op mijn foto's door mijn gebrekkige ervaring, de beperkte keus in camera's die ik toen nog had en de niet zo handige keus voor Redscale film niet echt uit de verf. Dit jaar heb ik het dan ook grootser aangepakt en risico's gespreid. Met vier camera's heb ik herfstfoto's gemaakt, op vijf verschillende soorten film. Aangenaam verrast was ik door de resultaten van de Belomo Vilia Auto met Rollei Crossbird film, evenals door de effecten van Lomography Slide X-Pro 200 film in de Holga. Het wachten is nog op de LC-Wide resultaten, deze moeten nog ontwikkeld worden. Hoewel ik daar natuurlijk hoge verwachtingen van heb, vind ik echter ook zonder die foto's mijn analoge herfst al geslaagd dit jaar. Het is nu wachten op de winter.
Labels:
Amsterdam,
analoog,
Fujichrome,
lc-wide,
lijstjes,
lomografie,
Los Angeles,
Polen,
slidefilm
Het beste van 2013: Boeken
Het was een goed leesjaar: mijn voornemen om hier meer tijd aan te besteden ben ik ruimschoots nagekomen en dit heeft wat fijne ontspannen uurtjes opgeleverd. Ten opzichte van voorgaande jaren heb ik dit jaar aanzienlijk meer fictie gelezen. Zo komt Eggers dus weer in mijn lijstje terecht, maar ook oudere bekenden waar ik eindelijk de tijd voor genomen heb zoals Charles Bukowski. Natuurlijk mag non-fictie en de graphic novel niet ontbreken, als het aandeel van deze twee genres dit jaar wat bescheidener. Ook dit lijstje in willekeurige volgorde:
Mr Punumbra's 24 Hour Bookstore
Dit boek bevat alle ingrediënten voor een ouderwets avontuur: een oude boekwinkel, een jonge liefde en een heus geheim genootschap. Spannend en één op één verfilmbaar, dit heerlijke boek van Robin Sloan.
Marzi
Het einde van het communistische tijdperk door de ogen van de jonge Marzi. Zeer geslaagde graphic novel, met name door de geloofwaardige manier waarop het perspectief van de jonge Marzi weergegeven wordt. Extra interessant omdat ik in het tijdperk dat Marzi schetst ongeveer dezelfde leeftijd had als de hoofdpersoon. Fraai gedaan door Marzena Sowa en Sylvain Savoia.
Quiet
Krachtig boek van Susan Cain over de de waarde van introverte mensen in een extraverte samenleving. In een wereld waarin profilering en zichtbaarheid als essentieel worden beschouwd is dit een verfrissend andere invalshoek. Een feest van herkenning voor iedereen die hiermee worstelt, maar vooral waardevol voor mensen die geïnteresseerd zijn in het aanboren van potentieel wat voorheen wellicht over het hoofd gezien werd.
The Road to Los Angeles
Eén van vier boeken van schrijver John Fante over zijn alterego Arturo Bandini. Het boek werd bij mij onder de aandacht gebracht door een verkoper in Skylight Bookstore in Los Angeles. Dat Fante bewonderd werd door Bukowski is geen verrassing: ook Fante beheerst de kunst van het overtuigend beschrijven van een zogenaamde nietsnut. Het is rauw, direct en schijnbaar moeiteloos geschreven, wat het boek in elke tijd te plaatsen maakt. Fante was hiermee zijn tijd te ver vooruit: het in 1936 geschreven The Road to Los Angeles bleef aanvankelijk op de plank liggen, en werd pas in 1985 uitgegeven na zijn dood.
Post Office
Onvermijdelijke kost na het lezen van Hollywood, dit eerste boek van Charles Bukowski over zijn alterego Henri Chinaski uit 1971. Wat Post Office voor mij bijzonder maakt is de briljante wijze waarop Bukowski de handel en wandel van de hoofdpersoon beschrijft: levendig, pretentieloos en tijdloos. Misschien niet aan iedereen besteed, maar ik heb ervan genoten en kijk uit naar het lezen van de rest van Bukowski's oeuvre.
The Circle
Dave Eggers doet weer waar hij het best in is: een beklemmend boek schrijven dat precies de vinger op de zere plek legt van de tijdsgeest waarin we leven. In The Circle beschrijft Eggers het verloop van de carrière van een jonge vrouw die bij een google-achtig bedrijf gaat werken. The Circle houdt er twijfelachtige ideeën op na over privacy en vrijheid, die verontrustend genoeg nog helemaal niet zo ver van de huidige realiteit af liggen. Een heerlijk boek dat spannend blijft tot de laatste pagina.
Mr Punumbra's 24 Hour Bookstore
Dit boek bevat alle ingrediënten voor een ouderwets avontuur: een oude boekwinkel, een jonge liefde en een heus geheim genootschap. Spannend en één op één verfilmbaar, dit heerlijke boek van Robin Sloan.
Marzi
Het einde van het communistische tijdperk door de ogen van de jonge Marzi. Zeer geslaagde graphic novel, met name door de geloofwaardige manier waarop het perspectief van de jonge Marzi weergegeven wordt. Extra interessant omdat ik in het tijdperk dat Marzi schetst ongeveer dezelfde leeftijd had als de hoofdpersoon. Fraai gedaan door Marzena Sowa en Sylvain Savoia.
Quiet
Krachtig boek van Susan Cain over de de waarde van introverte mensen in een extraverte samenleving. In een wereld waarin profilering en zichtbaarheid als essentieel worden beschouwd is dit een verfrissend andere invalshoek. Een feest van herkenning voor iedereen die hiermee worstelt, maar vooral waardevol voor mensen die geïnteresseerd zijn in het aanboren van potentieel wat voorheen wellicht over het hoofd gezien werd.
The Road to Los Angeles
Eén van vier boeken van schrijver John Fante over zijn alterego Arturo Bandini. Het boek werd bij mij onder de aandacht gebracht door een verkoper in Skylight Bookstore in Los Angeles. Dat Fante bewonderd werd door Bukowski is geen verrassing: ook Fante beheerst de kunst van het overtuigend beschrijven van een zogenaamde nietsnut. Het is rauw, direct en schijnbaar moeiteloos geschreven, wat het boek in elke tijd te plaatsen maakt. Fante was hiermee zijn tijd te ver vooruit: het in 1936 geschreven The Road to Los Angeles bleef aanvankelijk op de plank liggen, en werd pas in 1985 uitgegeven na zijn dood.
Post Office
Onvermijdelijke kost na het lezen van Hollywood, dit eerste boek van Charles Bukowski over zijn alterego Henri Chinaski uit 1971. Wat Post Office voor mij bijzonder maakt is de briljante wijze waarop Bukowski de handel en wandel van de hoofdpersoon beschrijft: levendig, pretentieloos en tijdloos. Misschien niet aan iedereen besteed, maar ik heb ervan genoten en kijk uit naar het lezen van de rest van Bukowski's oeuvre.
The Circle
Dave Eggers doet weer waar hij het best in is: een beklemmend boek schrijven dat precies de vinger op de zere plek legt van de tijdsgeest waarin we leven. In The Circle beschrijft Eggers het verloop van de carrière van een jonge vrouw die bij een google-achtig bedrijf gaat werken. The Circle houdt er twijfelachtige ideeën op na over privacy en vrijheid, die verontrustend genoeg nog helemaal niet zo ver van de huidige realiteit af liggen. Een heerlijk boek dat spannend blijft tot de laatste pagina.
Abonneren op:
Posts (Atom)


















