'The dog never dies'. Deze omschrijving las ik eens voor films die van buitensporig veel actie en explosies aan elkaar hangen waarbij een personage waar iedereen affiniteit voor voelt op het eind op miraculeuze wijze ongeschonden uit de strijd komt. Vaak is dit dan in de vorm van een knuffelig dier, een dapper kind of een aandoenlijke antiheld. 'The dog never dies': een niet zo flatteuze typering die zeker opgaat voor de actie- sci-fi-thriller Cowboys & Aliens. En dat is niet het enige cliché dat voorbij komt: van een held met geheugenverlies die een schurk blijkt te zijn maar toch een held, tot de constatering dat je als je maar samenwerkt de vijand wel kunt verslaan. Weinig verrassend dus, ondanks een sterke cast met onder andere Daniel Craig, Olivia Wilde en Harrison Ford.
Eén van de leuke dingen aan vakanties in Amerika vind ik het wakker worden met ontbijttelevisie. Amerika kent inmiddels een lange traditie van ochtendshows waarin een goede mix gevonden is tussen nieuws en luchtige onderwerpen. Vooral bij de lokale varianten kun je je hart ophalen: alles wat maar enigszins nieuwswaardig lijkt krijgt een live-verslag en zo wordt zelfs de redding van een hondje uit een kuil gebracht als ware het breaking wereldnieuws. Bij de ene show slaat de balans wellicht wat harder door richting de non-onderwerpen dan bij de andere, voor mij kan het over het algemeen niet stompzinnig genoeg zijn. In de film Morning Glory staat zo'n Amerikaanse ochtendshow centraal. Becky Fuller (Rachel McAdams) gaat als producent aan de slag bij het noodlijdende programma Morning Glory. Om het programma te redden krijgt ze de serieuze Mike Pomeroy (Harrison Ford) zover om presentator te worden naast Colleen Peck (Diane Keaton). Pomeroy voelt zich als serieuze journalist eigenlijk veel te goed voor dit werk, zeker als Fuller de onderwerpen tot een bedenkelijk niveau af laat zakken om de kijkcijfers maar op te krikken. Morning Glory is geen originele film, maar wel buitengewoon geestig. Hij is zeer geslaagd binnen zijn genre: romantisch, grappig en hier en daar een beetje ontroerend. Geen film die je bijblijft, maar wel goed voor een geslaagde avond.
In the name of identity van de Frans/Libanese schrijver Amin Maalouf is een uitgebreid essay over de rol van identiteit in de verschillende samenlevingen. Het boek verscheen in het Frans al in 1996, werd in 2000 in het Engels vertaald en is nog altijd even relevant. In vijf hoofdstukken gaat de schrijver op zoek naar de wisselwerking tussen de identiteit zoals mensen die zien en de actualiteit zoals deze zich ontwikkelt. Religie speelt hierin een belangrijke rol; hoe groter de rol die religie speelt op het wereldtoneel, hoe meer mensen geneigd zijn zichzelf in de eerste plaats te identificeren met een bepaald geloof en in tweede plaats pas met het land waar ze wonen of de familie waarvan ze afstammen. Dit kan weer enorme gevolgen hebben op het moment dat er conflicten ontstaan en alles wat mensen nog hebben om op terug te vallen hun identiteit is. Maalouf maakt een heldere en interessante analyse van de problemen die ontstaan rond identiteitsvorming. Zijn invalshoeken zijn origineel en zetten aan tot nadenken. Vervolgens laat hij aan de hand van voorbeelden zien hoe er anders en in zijn ogen constructiever naar problematieken rond bijvoorbeeld integratie gekeken kan worden. Jammer is wel dat hij uiteindelijk niet verder komt dan wat niet meer is dan een kleine bijdrage aan een breed gevoerde discussie. Echt de diepte in gaat het nergens. Mooi vond ik wel het moment waarop hij een donkere president voor Amerika als een nog lang niet voor te stellen toekomstbeeld zag. Zo zie je dat sommige dingen dichterbij zijn dan je denkt, en zeker heel wat minder onmogelijk zijn dan men soms vreest.
De Franse arthousefilm Des hommes et des dieux verscheen in 2010 en werd in zijn genre niet alleen zeer gewaardeerd, maar ook een commercieel succes. De film is breed bejubeld en won al meerdere prijzen, waaronder de Grand Prix op het filmfestival in Cannes. In deze film wordt het op waarheid gebaseerde verhaal verteld van een groep monniken die in een afgelegen klooster samenleven in de bergen van Algerije. Wanneer zij met toenemend terrorisme te maken krijgen dat vooral gericht lijkt te zijn tegen niet-moslims, zien zij zich voor de keuze gesteld te blijven of te vluchten. Als groep zijn ze diep verankerd in de plaatselijke gemeenschap, iets wat de beslissing erg bemoeilijkt. Eén van hen dient met beperkte middelen als dorpsdokter, anderen helpen met lezen en schrijven in het achtergebleven gebied waartoe het dorp zeker te rekenen is. Ze voelen zich thuis in de gemeenschap en willen zich niet gedwongen voelen het dorp te verlaten. Het verhaal wordt heel langzaam verteld, waarbij geprobeerd is de innelijke strijd van de monniken goed in beeld te brengen. Mij ging het allemaal iets te langzaam, het wist me niet echt te raken. De hoofdpersonen neigden naar karikaturen en er werd soms voor wel erg clichématige beeldspraak gekozen. Zo vond ik de Laatse Avondmaal scene tenenkrommend ongemakkelijk, alhoewel ik me ook wel voor kan stellen dat er mensen zijn die hem sereen en integer vonden. Het is een indrukwekkend verhaal, maar in alle opzichten zo geisoleerd dat ik moeite heb met het gebrek aan context. Aan mij was dit Franse drama niet helemaal besteed, maar er waren in de zaal voldoende mensen die er erg van genoten hebben.
Een serie over een huismoeder die vanuit een keurige buitenwijk cannabis gaat verkopen na de dood van haar man. Dit alles als manier om het hoofd boven water te houden. Zo begon de serie Weeds in 2005 op de Amerikaanse zender Showtime. Een beetje vreemd, maar wel leuk, al was mij niet duidelijk hoe ze deze simpele verhaallijn boeiend zouden kunnen houden. Inmiddels is seizoen 6 alweer afgerond en is het antwoord op deze vraag gegeven: de kracht van de serie is de inmiddels bizarre verhaallijn en de steeds zwarter wordende humor. In seizoen 5 is de handel via de tunnel naar Mexico stil komen te liggen omdat Nancy (Marie-Louise Parker) deze verraden heeft. Dit blijft niet zonder gevolgen en er wordt door de Mexicaanse drugsbaron Esteban, waarmee ze inmiddels ook een relatie was aangegaan, een prijs op haar hoofd gezet. Alles verandert wanneer ze zwanger blijkt te zijn van hem. De Botwins trekken in bij Esteban en er lijkt even een iets stabielere situatie te komen. Hier komt echter al snel een einde aan als Nancy en hun zoon de politieke ambities van Esteban in de weg zouden kunnen staan, iets waar niet iedereen even blij mee is. Intussen komt Celia terecht in een rebellenkamp, wat hilarische taferelen tot gevolg heeft. Weeds seizoen 5 slaat een nieuwe weg in, een weg waarop de familie Botwin steeds meer hardcore wordt, alhoewel er nog voldoende klunzigheid zit in de personages. Juist die klunzigheid van onder andere Andy en Doug maakt de serie zo charmant. Voorlopig blijft het nog leuk deze volslagen over de kop geslagen komedie, en ook seizoen 6 zet deze lijn door, waarover later meer. Inmiddels heeft maker en bedenker Jenji Kohan laten weten dat seizoen 7 weleens het laatste zou kunnen zijn. Dit seizoen zal later dit jaar te zien zijn op Showtime.
Vaak wordt de ziekte kanker gezien als een verschijnsel van deze tijd, als een logisch gevolg van onze ongezonde leefstijlen en leefomgevingen. Kanker bestaat echter al eeuwen, in geschriften uit het oude Egypte wordt van de ziekte al melding gemaakt. Toch is er nog steeds relatief weinig over bekend, zowel over de oorzaken als over de genezingsmogelijkheden tasten artsen en onderzoekers nog vaak in het duister. Zelfs op de vraag wat kanker nu eigenlijk is is nog niet echt een antwoord gegeven, niet op een leesbare manier voor leken tenminste. Hierin heeft de Amerikaanse dokter en schrijver Siddhartha Mukherjee in zijn The Emperor of all Maladies verandering proberen te brengen. In dit magistrale werk heeft hij geprobeerd een biografie te schrijven van kanker. Hij vertelt over de jarenlange zoektocht naar wat de ziekte inhoudt, over de onderzoeken naar genezingsmogelijkheden, maar ook over het politieke klimaat wat niet alleen invloed heeft gehad op de acceptatie van de oorzaken, maar ook op de ziekte zelf en de patienten. Mukherjee heeft een geweldige pen, waarmee hij ingewikkelde processen begrijpelijk uitlegt en de juiste toon raakt wanneer hij schrijft over de mensen om wie het uiteindelijk gaat. Geen lichte kost dit boek, maar een must voor iedereen die echt geïnteresseerd is in de ziekte die ons allemaal het zij direct, het zij indirect eens zal raken. In het volgende filmpje vertelt Mukherjee over de totstandkoming van zijn boek, dat in het Engels al een tijdje in de boekhandel ligt en in februari in vertaling zal verschijnen.
De film Fair Game vertelt het waargebeurde verhaal van CIA agente Valerie Plame en haar man, voormalig ambassadeur Joseph Wilson. Wanneer deze laatste ontdekt dat het bewijs voor de aankoop van uranium door Saddam Hoessein vervalst is maakt hij dit bekend in de media. Niet lang daarna wordt de geheime identiteit van zijn vrouw onthuld in de pers. Het lekken van de identiteit van een CIA agent is een misdaad en er volgt een onderzoek op het allerhoogste niveau. Fair Game laat zien hoe groot de belangen zijn geweest rond de besluitvorming om Irak binnen te vallen, en hoe groot de consequenties waren toen Wilson onrecht en leugens aan het licht wilde brengen. Politiek op het allerhoogste niveau is een naar spel, en gerechtigheid blijkt ook in het land van de vrijheid een rekbaar begrip. Pijnlijk is ook te zien hoe het huwelijk van Plame en Wilson onder druk komt te staan en hoe er uiteindelijk geen winnaars zijn. De film heeft absoluut indruk gemaakt en ik ben dan ook erg benieuwd naar het gelijknamige boek waar ongetwijfeld verder uitgewijd wordt over hoe dit allemaal zo heeft kunnen gebeuren.
When in Rome is een remake van het in 1954 verschenen Three Coins in the Fountain. Waarom een remake van dit verhaal gemaakt moest worden is me volstrekt onduidelijk. Maar als je het dan toch doet, doe het dan goed. When in Rome slaat wat mij betreft in ieder opzicht de plank mis: hij is niet grappig, de hoofdpersonen spreken niet aan en het verhaal is een versimpelde versie van een gemiddeld bouquetreeksboekje. Als deze film in de jaren '80 op video was verschenen dan hadden er ongetwijfeld tenenkrommende teksten op de hoes gestaan als 'doldwaas avontuur' en 'knotsgekke komedie'. Het geheel doet oubollig aan, iets wat een film uit 2010 zich niet kan veroorloven. Halverwege vroegen wij ons af of de hoofdrolspelers (Kristen Bell en Josh Duhamel) zich tijdens de opnames gerealiseerd hebben dat ze in een hele slechte film zaten. Wat moet dat een pijnlijke constatering zijn geweest, alhoewel het me nog pijnlijker lijkt om daar bij de premiere pas achter te komen. Al met al heel slecht dus, dit When in Rome. Sommige films zijn zo slecht dat ze weer leuk zijn, maar zelfs dat kan ik van deze film niet zeggen. Helaas.
Het boek Je blijft is het debuut van Anna Drijver, beter bekend als actrice uit kaskrakers als Komt een vrouw bij de dokter en het onlangs uitgebrachte Loft. Dat zij ook over schrijftalent blijkt te beschikken was voor mij een onverwachte, maar aangename verrassing. Het verhaal in Je blijft draait om Daaf en Dora, die binnen een vriendengroep verliefd op elkaar worden. Het boek beschrijft in eerste instantie een liefdesgeschiedenis, die zich afspeelt in Amsterdam. Daarnaast gaat het om verlies, om rouw en de verwerking hiervan. Geen kleine thema's om op te pakken in een debuutroman en al helemaal niet in een roman waarvan de doelgroep vanaf vijftien jaar is. Wanneer ik de eerste helft van het boek lees ben ik me van dit laatste niet bewust. Het verhaal doet me op dat moment nog wat kleffig en wat normaaltjes aan. Het leest als een trein en boeit ook wel, maar het laat me zitten met de vraag wat de meerwaarde ervan is. Wanneer ik ergens lees dat het bedoeld is voor de wat oudere jeugd is het me in één klap duidelijk: dit is inderdaad het boek dat ik als vijftienjarige had willen lezen. Wonend in het oosten van het land, met plannen om naar Amsterdam te gaan, had ik graag gelezen over een groep jonge volwassenen in Amsterdam, die samenkomt in het Vondelpark, Nederlands gestudeerd heeft en leuke dingen samen doet. Als de dertigplusser die ik inmiddels ben, kijk ik vooral terug op deze fase en vind ik het allemaal erg herkenbaar, maar juist daardoor misschien niet zo vreselijk interessant. In de tweede helft van Je blijft vallen dit soort gedachtes volledig weg en doet de leeftijdsaanduiding er niet meer toe. Het boek neemt dan een dramatische wending die meeslepend beschreven wordt met sterk voelbare emoties. Het echte schrijftalent van Drijver komt hier naar boven en mijn eerdere kanttekeningen verdwijnen op slag. Je blijft is een prachtig boek geworden waarvan ik denk dat ik het als vijftienjarige fantastisch had gevonden, maar wat ik ook nu zeer weet te waarderen. Met name de tweede helft vraagt om meer en ik kijk dan ook uit naar Drijvers volgende boek. Volgens mij heeft zij nog een aantal prachtige boeken in zich en of deze dan aangeduid worden voor 15 plussers of 30 plussers, dat is uiteindelijk niet zo relevant.
Hoe een flinterdun verhaallijntje toch meer dan genoeg kan zijn bij het maken van een spannende film, bewijst het onlangs uitgekomen Unstoppable met Chris Pine en Denzel Washington. Een enorme goederentrein raakt door een menselijke fout onbemand op drift en dreigt in een bewoond gebied voor een ramp te zorgen. De ervaren Frank (Washington) en de jonge Will (Pine) doen er vervolgens alles aan om deze ramp te voorkomen. Ondanks het feit dat de verhaallijn dus weinig om het lijf heeft en de afloop ook niet erg verrassend is, is het toch een bloedstollend spannende film geworden. Het tempo ligt hoog, en zowel de personages als de actiebeelden zijn geloofwaardig. Ethan Suplee, beter bekend als Randy uit My Name is Earl tekent voor één van de bijrollen, laat ik zeggen niet de grootste heldenrol uit het verhaal. Een waanzinnig spannende film dus, een bioscoopbezoek meer dan waard.
Het moeilijkste bij het goed vertellen van een verhaal is denk ik het bepalen van de mate waarin je zaken uitlegt en waarin je zaken aan de verbeelding van de lezer danwel kijker overlaat. Daarbij komt dat publiek divers is, terwijl ik verhaallijnen al snel te veel uitgespeld vind, kan een ander het nog heel lang allemaal aan de vage kant vinden. Om zoveel mogelijk mensen aan te spreken, iets wat bij mainstream films niet onbelangrijk is, is kortom echt een kunst. Bij de onlangs in de bioscoop verschenen film The Next Three Days ligt het grootste probleem voor mij op dit vlak: te veel informatie in een iets te langdradig verhaal. Als de leidinggevende van Lara (Elizabeth Banks) dood wordt aangetroffen op een parkeerterrein wijst alles in Lara's richting. Ze wordt gearresteerd en schuldig aan moord bevonden, en komt terecht in de gevangenis zonder een kans daar ooit nog uit te komen. Haar man John (Russell Crowe) blijft in haar onschuld geloven en terwijl hij de opvoeding van hun zoontje Luke volledig op zich neemt, blijft hij moeite doen om Lara's onschuld te bewijzen. Als dit uiteindelijk een kansloze missie blijkt neemt hij drastischer maatregelen en gaat de film over in een klassiek achtervolgingsverhaal. Voor mij is de hoofdmoot in het verhaal de onvoorwaardelijke liefde van een man voor zijn vrouw en voor zijn zoon. Hij blijft in haar geloven en heeft alles over voor haar en een gezamenlijke toekomst. Juist daarom had ik het mooier gevonden als de precieze toedracht van de moord waar het allemaal mee begon in het midden was gelaten. Helaas maakte de regisseur een andere keuze en verliet ik toch wat teleurgesteld de bioscoop. The Next Three Days was zeker geen slechte film, maar de cruciale keuzes die gemaakt waren vielen voor mij niet goed uit. Desalniettemin was het een spannende film die zeker het zien waard is.
Ook in het negende seizoen van de succesvolle BBC serie Spooks wordt weer de nodige strijd aangegaan met terroristen die een bedreiging zouden vormen voor de vrije wereld. Grote wereldconflicten worden daarbij niet uit de weg gegaan. Zo komt het vredesproces in het Midden-Oosten aan bod, maar ook de rol van Amerika op het wereldtoneel blijft niet onbesproken. Centraal is echter een persoonlijk verhaal: het verhaal van de MI5 agent Lucas North (Richard Armitage). Vanaf het moment dat Lucas opdook in seizoen 7 van de serie (2008) hangt er al een mysterie rond dit personage. De zware martelingen die hij in een Russische gevangenis had moeten ondergaan hebben hun sporen nagelaten en vooral in het begin hangt er een vraagteken rond zijn loyaliteit. In de zes afleveringen die dit negende seizoen van de serie telt wordt het mysterie rond Lucas ontrafeld, een mysterie dat al begonnen blijkt te zijn bij zijn start bij MI5. Een nieuw gezicht dit jaar is Beth Baily (Sophia Myles), die eveneens haar carriere bij MI5 op een wat twijfelachtige manier start, maar toch een volwaardig lid van het team wordt. Ze is echter geen Ros Myers (Hermione Norris), waarvan we helaas in het vorige seizoen afscheid moesten nemen en die nog echt gemist wordt, in ieder geval door mij. De cliffhanger draait, niet voor het eerst, om Sir Harry Pears (Peter Firth), de drijvende kracht achter Spooks en zonder wie Spooks geen Spooks meer zal zijn wat mij betreft. Laten we hopen dat het goed afloopt. Wordt vervolgd in september 2011.
Kate Hudson en Anne Hathaway spelen in Bride Wars hartsvriendinnen Liv en Emma, die beiden als grote droom hebben om ooit in de maand juni in The Plaza te trouwen. Als ze ongeveer tegelijk ten huwelijk worden gevraagd lijkt die droom uit te komen, maar deze wordt ruw verstoord als blijkt dat beide bruiloften door een vergissing op dezelfde dag gepland zijn. Om toch bij elkaars bruiloft te kunnen zijn zal één van de twee moeten wijken, maar dit gaat natuurlijk niet zomaar. De vriendschap komt even onder druk te staan, maar wees niet bang, uiteindelijk komt natuurlijk alles gewoon goed. Het is duidelijk een dertien in een dozijn film, één met een voorspelbaar verhaal en een duidelijke moraal. Hij wordt nergens echt verrassend en het einde is ronduit jammer. Toch is het een prima film om een regenachtige zondagmiddag mee door te komen. Anne Hathaway is even charmant als altijd en ook Kate Hudson is toch wel erg vermakelijk als de bitchy Liv. Bride Wars is een lekkere bank-hangfilm, waarbij het feelgood-gehalte helaas iets te vaak ten onder gaat aan de te zoete voorspelbaarheid.
Inspired solutions to real-life dilemmas: dat belooft het boek Everyday Ethics van Joshua Halberstam mij te brengen. Dat klinkt in eerste instantie als een zelfhulpboek, het genre waar Amerika in uitblinkt. Ik vind het op een stapel bij Kramerbooks in Washington, waar het gepresenteerd wordt als een lezenswaardig boek dat aandacht verdient. Het blijkt geen nieuw boek te zijn, de eerste druk verscheen al in 1993, maar bij een vluchtige doorbladering wordt mijn nieuwsgierigheid zeker gewekt. Mij trekt niet zozeer de zogenaamde zelfhulpbelofte die op de kaft uitgesproken wordt, maar de alledaagse onderwerpen die vanuit een verrassende hoek benaderd worden. Everyday Ethics handelt over vriendschappen, over hoe we communiceren en welke clichés we hierbij hanteren. Halberstam gaat hierbij niet altijd even zachtzinnig te werk, waardoor je bij sommige observaties enigszins beschaamd aan jezelf moet toegeven dat je je ook schuldig maakt aan bepaalde maniertjes in je omgang met mensen. Het boek geeft daarnaast een verfrissende kijk op oordelen en beoordeeld worden, iets waar we allemaal dagelijks mee te maken hebben. Je kunt uiteraard niet zonder omdat je anders geen waarde toekent aan de dingen om je heen, maar het kan vaak wel anders. Grappig is wel dat de schrijver soms zo stellig in zijn beweringen is, dat hij zich in mijn ogen even schuldig maakt aan bepaalde oordeelsvorming als hij op andere punten in het boeken afwijst. Ook de schrijver blijkt niets menselijks vreemd te zijn, ergens wel een geruststellende gedachte. Everyday Ethics is over het algemeen gelukkig meer beschrijvend dan voorschrijvend en de ondertitel lijkt dan ook meer bedoeld om aandacht te trekken dan dat het werkelijk om een zelfhulpachtig boek gaat. Ik heb het met plezier gelezen en er ook zeker wat van opgestoken, maar grootse inzichten, die zijn uitgebleven.
One Day van David Nicholls beschrijft twintig jaar uit het leven van Dexter en Emma. Bij aanvang van het boek zijn dit gewoon twee studenten, die elkaar ontmoeten op de dag van hun afstuderen. Het is dan 15 juli 1988 en Dexter en Emma staan nog aan het begin van hun volwassen leven. Hun wegen blijven elkaar vervolgens kruisen, ondanks de uiteenlopende kanten die ze uitgaan. Het bijzondere van dit boek is de structuur waarbinnen het verhaal verteld wordt: Nicholls beschrijft van elk jaar één dag, de 15e juli, de dag waar het allemaal mee begon. Hierdoor mis je soms stukken uit het verhaal, maar blijft ook de vaart erin en zie je beter de veranderingen die Emma en Dexter ondergaan. Alhoewel ik op zich geen fan ben van dergelijke gekunstelde structuren, werkt het in dit boek wat mij betreft briljant. Het is na ieder hoofdstuk spannend om aan een volgend hoofdstuk te beginnen, juist doordat je weet dat je dan weer een jaar verder bent. Je vraagt je af waar Dexter en Emma zullen staan, welke beslissingen ze genomen hebben en hoe bepaalde beslissingen uitgewerkt hebben. Op een meeslepende manier vertelt Nicholls over de keuzes die ze maken, over hun successen en hun mislukkingen. Ondanks alles wat er gebeurt houdt de vriendschap tussen beiden stand, maar het gaat allemaal niet vanzelf. One Day is één van de meest ontroerende boeken die ik het afgelopen jaar gelezen heb. Het is zo'n boek dat je niet weg kunt leggen en dat nog tijden in je hoofd blijft nadat je het uit hebt. Een verfilming zit er inmiddels al aan te komen, met Anne Hathaway als Emma en Jim Sturgess als Dexter. Mijn favoriete quote uit het boek komt uit de mond van Emma, die op een prachtige manier commentaar kan geven op het leven:"You start out wanting to change the world through language, and end up thinking it's enough to tell a few good jokes"
Eens in de zoveel tijd dan is iemand op de juiste plaats, met het juiste briljante idee en zijn er de juiste omstandigheden om het uit te werken en er uiteindelijk gruwelijk rijk van te worden. Dat is in ieder geval de manier waarop Mark Zuckerberg omschreven wordt: hij is de grote man achter het succes van Facebook en werd hier in korte tijd ongelofelijk rijk mee. Dit succes is alles behalve onomstreden en heeft geresulteerd in meerdere rechtzaken. Ben Mezrich deed in het boek The Accidental Billionaires een poging de gebeurtenissen rond de oprichting van Facebook te beschrijven. Volgens sommigen schreef hij pure fictie, volgens velen een versie die best weleens dicht bij de realiteit zou kunnen liggen. Mark Zuckerberg zelf heeft zich er amper over uitgelaten en ook de overige hoofdrolspelers houden voornamelijk hun mond, al dan niet gedwongen door gerechtelijke uitspraken. Het heeft de makers van The Social Network er in ieder geval niet van weerhouden Mezrichs versie uit 2009 als uitgangspunt te nemen voor een verfilming van het tot ieders verbeelding sprekende Facebookverhaal. Bij het kijken naar de film is het waarheidsgehalte ook niet van het grootste belang. Het verhaal is dusdanig spannend, goed verfilmd en intrigerend dat ik het eigenlijk het liefst gewoon wil geloven zoals het me verteld wordt. The Social Network is een bijzondere film geworden, die scherp het gevoel van deze tijd vastlegt en tegelijkertijd de mythe rond Facebook doorprikt en in stand houdt. We krijgen immers nog steeds weinig zicht op de beweegredenen van de hoofdpersoon, die ondanks zijn al dan niet bewuste daden een mysterie lijkt te blijven. Wat de waarheid ook moge wezen, na het uitkomen van de film voelt de tot dan toe teruggetrokken levende Zuckerberg zich genoodzaakt een antwoord te geven in de media door onder andere 100 miljoen te schenken aan een scholenproject in Newark. Een mooi gebaar, maar dat kan het beeld van de Mark uit de film die willens en wetens zijn vriend voor miljoenen belazert niet wegnemen. Het publiek gelooft liever een verhaal vol list, bedrog en intriges, dan dat van een onschuldige jongen die zomaar multimiljonair werd. Daar zal Zuckerberg het toch mee moeten doen uiteindelijk. Een briljante film om absoluut te gaan zien. Zie hier de prachtige trailer:
Resident Evil: Afterlife kwam in Amerika uit op het moment dat wij in New York waren, en kwam zodoende op het lijstje met te bezoeken films. De film blijkt het vierde deel in een reeks te zijn, iets wat ik niet wist. Daarnaast blijkt hij gebaseerd op de succesvolle gelijknamige gamereeks. Van dit laatste was ik me ergens wel vaag bewust. Al deze voorkennis heb je echter helemaal niet nodig om je te vermaken bij deze prima te happen actiefilm. Het verhaal is niet te diep, de actie spectaculair en de 3D-effecten zagen er waanzinnig goed uit. Milla Jovovich redt als Alice de wereld van het zogenaamde T-virus. Het virus verandert mensen in zombies en Alice neemt de taak op zich de weinige overlevenden die er nog zijn naar een veilige plek te brengen. Dit alles gaat natuurlijk niet zonder slag of stoot. Eind september is de film ook in Nederland uitgekomen, waar hij wisselend werd ontvangen. Een veelgehoorde kritiek was dat eerdere delen beter waren, maar dit neem ik maar voor kennis aan. Wat ik wel kan zeggen dat ik me met deze film prima vermaakt heb, al moet ik toegeven dat er niet bijzonder veel van is blijven hangen.
Origineel? Nee. Een film die we ons over een jaar nog herinneren? Waarschijnlijk niet. Daar lijkt het bij Due Date ook niet om te doen te zijn. Deze film in dezelfde lijn als The Hangover en Get Him to the Greek moet het vooral hebben van de humor, die soms op het randje en soms over het randje is. Robert Downey Jr en Zach Galifianakis spelen Peter Highman en Ethan Tremblay, die door een stomme stunt van deze laatste gedwongen worden samen een roadtrip door Amerika te maken. Een roadtrip geeft natuurlijk alle mogelijkheden tot het ontmoeten van bizarre mensen en het terecht komen in absurde situaties. Hieraan wordt dan ook ruimschoots voldaan. Toch weet de film zo nu en dan ook een gevoelige snaar te raken, iets wat ik van zijn 'voorgangers' niet kan zeggen. Al werd de film nergens echt verrassend, ik heb erg gelachen en daar ging het uiteindelijk om. Volgens velen haalt Due Date het niet bij The Hangover, maar hier ben ik het persoonlijk niet mee eens. The Hangover was in mijn ogen een stuk platter dan Due Date en had een veel hoger slapstickgehalte. Het is natuurlijk een kwestie van smaak, maar mij maak je daar niet gelukkig mee. Hoe dan ook, Due Date is een leuke film waar veel bij te lachen valt.
I'm 29. I live with my 74-year-old dad. He is awesome. I just write down shit that he says. Dit is het hele geheim achter het ongelofelijk populaire twitter-account van Justin Halpern uit San Diego. Na het verliezen van zijn baan trok de 29-jarige Justin weer in bij zijn vader Sam en inplaats van zich te ergeren aan diens uiterst cynische commentaar op de samenleving, ging hij zijn vaders uitspraken twitteren op een account met de naam 'Shit My Dad Says'. Inmiddels heeft hij 1,8 miljoen volgers op dit account en het was een kwestie van tijd voordat hier iets commercieels mee gedaan zou gaan worden. In mei van dit jaar verscheen er dan ook een boek gebaseerd op het twitteraccount met de titel Sh*t My Dad Says. Binnen vijf weken stond het op #1 van de New York Times bestseller list. Inmiddels werd er ook hard gewerkt aan een sitcom met ongeveer dezelfde titel, die in september van dit jaar de buis op kwam onder de nog iets verder gekuiste titel: $#*! My Dad Says. Niemand minder dan William Shatner speelt de hoofdrol in deze serie en hij lijkt geknipt om de cynische, mopperende vader van Justin te spelen. Dat blijkt echter niet genoeg om er een succes van te maken. Er gaat in deze serie een aantal zaken mis. Ten eerste is het ingeblikte gelach onder de serie echt niet meer van deze tijd en stoort mij vanaf de eerste scene. Ik bepaal zelf wel of ik iets grappig vind en dat overdreven gelach bij iedere beweging die er gemaakt wordt werkt me al binnen vijf minuten op de zenuwen. Ten tweede wordt er een broer opgevoerd die samen met zijn vrouw het geheel veel te plat maakt. Zo scherp en gevat de opmerkingen van vader Sam kunnen zijn, zo plat en flauw zijn de scenes met de broer en de schoonzus. Tenslotte is de verhaallijn te gezocht en vooral te zoet. Deze staat in schril contrast tot het cynisme uit de oorspronkelijke tweets en lijkt een keuze te zijn om het grote publiek te bereiken. Hierbij zijn de makers blijkbaar even vergeten dat het grote publiek juist de scherpte en het donkere randje van de tweets van Sam Halpern zo wist te waarderen. Wij hebben in ieder geval na vijf afleveringen afscheid genomen van de serie en beperken ons tot het volgen van de sporadische, maar nog steeds soms briljante tweets op het twitteraccount Shit My Dad Says.
Maar liefst twaalf seizoenen kende de eerste serie van Hawaii Five-O, de CBS-serie die draaide tussen 1968 en 1980. Desondanks is deze serie niet erg bekend, waarschijnlijk omdat iedereen onder de 35 te jong is om hem in de eerste run te kunnen hebben gezien. Daarna is hij nog wel herhaald, maar echt beroemd is de serie nooit geworden, zelfs niet als cultserie. Voor mij was de remake die in september van start ging dus ook volledig nieuw. De 2010 versie van Hawaii Five-O ging spectaculair van start met een pilot waar duidelijk een hoop geld in gestoken was. De actie had de kwaliteit zoals we die kennen uit films, de dynamiek tussen de hoofdpersonen klopte vanaf de eerste scene en het decor was prachtig. Nu is Hawaii natuurlijk ook wel een dankbaar decor, elk beeld is al snel prachtig en laat je wensen dat je ook daar was. Maar goed, een geslaagde pilot belooft dan wel veel goeds, maar is geen garantie dat de serie hoogstaand blijft. Helaas zien we Hawaii Five-O dan ook snel afzakken naar een gemiddelde tot matige politieserie met voorspelbare plots, knullige beelden en onevenwichtige overgangen. De dialogen zijn nog steeds scherp en grappig, maar als het verhaal met een half oog nog te volgen en zelfs te voorspellen is, dan komt de serie duidelijk tekort. Het was dan ook een kwestie van tijd voordat de eerste cancel-berichten op zouden duiken. Hawaii Five-O maakt de belofte niet waar en de kans lijkt groot dat het geen tweede seizoen zal krijgen. Een 'zinloze remake' noemde Entertainment Weekly het en plaatste het hierbij in een illuster rijtje met andere 'zinloze remakes' van jaren '70 en '80 series zoals Knightrider. Toch jammer, want al is het geen toptelevisie, het is wel ontspannend en prettig om naar te kijken. Voor een groot deel vanwege het prachtige Hawaii ja, dat dan wel.
Eens in de zoveel tijd dan vind ik weer eens zo'n game die me helemaal in beslag kan nemen. Deze keer heet hij Plants vs Zombies, een spel dat het midden houdt tussen strategie, puzzelen en (lichte) actie. PopCap Games is al eerder met juweeltjes gekomen als Bejeweled en Peggle, spelletjes die even eenvoudig als verslavend bleken te zijn. Datzelfde geldt voor hun nieuwste uitgave, het briljante Plants vs Zombies. Het doel van het spel is je huis te beschermen tegen een groep zombies die langzaam dichterbij komt. Je doet dit door planten en bloemen neer te zetten die allemaal een specifieke eigenschap hebben waarmee ze de zombies te lijf kunnen gaan. De uitdaging is om voldoende planten te kweken op het juiste moment met de juiste eigenschappen en deze strategisch neer te zetten. Frusterende factoren hierbij zijn de verschillende attributen die de zombies meenemen, of het dag of nacht is en de ondergrond waarop je de planten moet zetten. Uiteindelijk unlock je steeds meer verschillende planten en is het de kunst de juiste combinatie planten te kiezen als 'wapens' om de zombies te bestrijden. Helemaal goed, helemaal leuk en te spelen op onder andere PC, XBox Arcade en iPhone.
Na de enorme successen van spannende en meeslepende series als 24 en Lost lijkt de trend in televisieland dit jaar te neigen naar wat luchtiger amusement. De nieuwe serie Undercovers heeft weliswaar twee CIA-agenten in de hoofdrol, maar toont eerder overeenkomsten met het luchtige Chuck dan met het dramatische 24. In Undercovers zien we Samantha en Steven Bloom, een jong echtpaar dat vijf jaar eerder gestopt was bij de CIA om samen te genieten van een rustiger leven als cateraars. De CIA doet echter weer een beroep op hun kennis en ervaring en met gezonde tegenzin aanvaarden ze weer missies. In tegenstelling tot hun CIA-verleden waarin ze geen partners waren, werkt het echtpaar nu samen aan de missies. De dynamiek tussen de hoofdpersonen bepaalt voor een belangrijk deel de serie, meer dan het verhaal dat altijd binnen de aflevering afgerond wordt. Er is wel een overkoepelend verhaal, maar dit ontvouwt zich langzaam naarmate het seizoen vordert. We zijn nu vijf afleveringen onderweg, dus daar kan ik nog weinig over zeggen. Een rode draad is aanwezig, maar niet het belangrijkste van de serie. Undercovers is vooral luchtig amusement, goed voor drie kwartier ontspanning, maar van baanbrekende televisie is geen sprake.
In 2002 zette Patrick (Pat) Tillman een punt achter zijn succesvolle carriere als American Football speler om samen met zijn broer het leger in te gaan. Ze worden samen een aantal keren naar Afghanistan uitgezonden, waar Pat in 2004 om het leven komt. Het lijkt een heldenverhaal: nationaal bekende sportman geeft zijn carriere en uiteindelijk zijn leven op voor het vaderland. Tillman was op slag een nog grotere held dan hij al was en zijn tragische dood dreigt voor propaganda doeleinden gebruikt te gaan worden door het Amerikaanse leger. De familie van Tillman voelt hier helemaal niets voor: zij vinden het beeld van de held niet kloppen en willen bovenal weten wat er werkelijk gebeurd is in Afghanistan. In de documentaire The Tillman Story zien we hoe Pat's familie op zoek gaat naar de waarheid achter zijn dood en hoe ze tegengewerkt wordt door leger en overheid. De druk die het leger op de familie uitoefent is schokkend: zo wordt er sterk aangedrongen op een militaire begrafenis met alle militaire eerbetoon die daarbij hoort, terwijl Tillman bij zijn uitzending al aangegeven had dit pertinent niet te willen. Het kost de familie de grootste moeite om boven tafel te krijgen wat er werkelijk gebeurd is in Afghanistan op die tragische dag in 2004, en de waarheid blijft op diverse niveaus lange tijd ontkend worden. Hoe veel gemakkelijker was het geweest voor de familie van Pat Tillman zich te schikken in de heldenrol van hun zoon en hem op die manier te herdenken. Ze kozen echter voor de moeilijke en moedige weg om hun zoon en wie hij werkelijk was in ere te houden, ondanks alle weerstand die daarmee gepaard ging. The Tillman Story laat zeker niet de mooiste kant zien van Amerika en haar vaderlandsliefde. Het is een indrukwekkende documentaire geworden over een sterke familie die vecht voor openheid, een verhaal waar zeker Amerikanen denk ik even van moeten slikken. Ik moest dat in ieder geval wel. The Tillman Story is een verhaal dat verteld moest worden en een groot publiek verdient.
De comedy Easy A met in de hoofdrol Emma Stone had zo maar de slechtste film van het jaar kunnen zijn. Daar was ik in ieder geval bang voor toen ik de trailer van te voren zag. De verhaallijn wordt hierin al grotendeels onthuld en is weinig verheffend te noemen. De enige vraag die overblijft als je gaat kijken is dus: wordt het leuk of niet? Het werd meer dan dat: de verhaallijn bleek evengoed nog wat onverwachte wendingen in petto te hebben en de film is grappig, heel grappig. Olive (Emma Stone) wordt er door een misverstand van beschuldigd het meest losbandige meisje van de school te zijn. Zij doet weinig om dit tegen te spreken, integendeel, ze maakt er een paar dagen lang een spektakel van. In navolging van het boek dat ze in de klas behandelen (The Scarlett Letter) gaat ze een grote rode A op haar kleding dragen, die op zichzelf al stukken uitdagender is dan wat ze daarvoor droeg. Ze houdt haar nieuwe imago in stand en maakt er zelfs gebruik van, totdat alles natuurlijk in elkaar klapt. In plaats van een moralistisch verhaal over goed/slecht, vooroordelen en leugens is het eigenlijk vooral een hele geestige film geworden. Het is vlot verteld, toch echt verrassend en we hebben er erg om gelachen. Of ik me deze film over twee jaar nog herinner betwijfel ik, maar wat maakt het uit. Met Easy A heb je zondermeer een leuke avond.
Als er op de achterflap van een boek het woord 'knotsgek' wordt gebruikt om het aan te prijzen, dan moet je op zijn minst op je hoede zijn. Alles wat met 'knots' begint mag wat mij betreft zelfs volledig genegeerd worden, maar ik had dit boek al gekocht en was te nieuwsgierig om het bijvoorbaat al weg te leggen. Van je familie moet je het hebben is een bundel met verhalen van David Sedaris, samengesteld en ingeleid door Aaf Brandt Corstius. Het is een zwaar gehypete bundel, waar veel bekende mensen zich in de media al lyrisch over uitgelaten hebben. Natuurlijk wil ik dan wel graag weten waar die hype over gaat, maar niet meteen, dus kwam ik er nu pas aan toe. Ik moet eerlijk bekennen dat ik grote moeite had om erin te komen. Pas toen ik Michiel van Erp zag twitteren dat dit voor hem ook gold en dat hij het vergeleek met standup comedy werd dat beter. Ik stelde me voor hoe iemand de verhalen voor zou dragen en vanaf dat moment steeg mijn waardering. Die waardering steeg echter niet tot de ongekende hoogtes zoals dat bij anderen blijkbaar het geval is. Ik vond bepaalde verhalen buitengewoon geestig, zoals het Sinterklaasverhaal. Ook de combinatie van humor en tragiek, zoals hij die gebruikt als hij bijvoorbeeld over zijn ouders spreekt vond ik op veel punten geslaagd. Er waren echter ook veel momenten dat het me niets deed, of dat het me juist te veel schuurde. Misschien werkt het voor mij niet helemaal in het Nederlands, misschien is het niet mijn gevoel voor humor of, en dit laat me niet helemaal los, misschien ontgaat mij waar het echt om draait. Van je familie moet je het hebben bracht mij in ieder geval niet de fantastische ervaring die het volgens het omslag Marc Marie Huybrechts, Sylvia Witteman en Paulien Cornelisse bracht. Misschien moest ik nog maar eens een ander boek van hem lezen, voor de zekerheid maar gewoon in het Engels.